vrijdag 10 maart 2017

MAART!

In míjn tuin ...

… heeft een kort maar hevig stormpje in de laatste week van februari korte metten gemaakt met een aantal boomtakken, die kennelijk hun beste tijd gehad hadden. Terwijl er even verderop al blauwe lucht te zien was, stortte zich een ware hoosbui naar beneden en kwam het water in de gootsteenafvoer brabbelend omhoog. Zeker dertig jaar geleden werd het al voorspeld: de buien zouden heftiger worden. Het is zover.

... onder de vlonder ...
De hevige neerslag was van korte duur; een stormachtige wind verjoeg de wolken en daar schitterde de zon alweer in de duizenden achtergebleven druppels. Over het pad in de achtertuin liep het water al snel weg - maar onder de vlonder is dat een ander verhaal. Daar hebben we een heus waterbassin met desastreuse gevolgen voor de omringende beplanting. Die ochtend hadden we het er toevallig nog over: daar moet iets aan gedaan worden! Geen zandzakken voor de deur, maar grind in de grond. Planken losschroeven, met de grondboor zo diep mogelijke gaten boren, daar waterdoorlatend kunststofdoek in laten zakken en vullen met grind. We hebben het er al vaker over gehad, maar tot nu toe de klus voor ons uitgeschoven. En dat lost het probleem niet op.

Voorheen vijver, nu moestuintje
Al peinzend keek ik uit op mijn doorweekte moestuintje, aangelegd op de plek waar ooit de goudvissen zwommen. Bij de komst van ons eerste kleinkind is het vijvertje gedempt. Inmiddels hebben we vier kleinkinderen, waarvan er al drie over zwemdiploma’s beschikken. De jongste is nu drie en dus ook bijna aan zwemles toe. Ik zou bij wijze van spreken al kunnen gaan graven, in de moestuin, om daar opnieuw een vijvertje aan te leggen. En dan onder de bestrating door een verbinding maken met het bad onder de vlonder, zodat de wet van de communicerende vaten zijn werk kan doen en we overtollig water gemakkelijk uit de vijver kunnen putsen. Ik keek nog eens peinzend naar het natte moestuintje en het aansluitend strak gelegde tegelpad. Neuh, toch niet zo’n goed plan.

Gezelschap bij het 'spitwerk': een roodborst
Ondertussen bleef de wind doorrazen; de merel in de achtertuin maakte het niets uit. Hij spitte blaadjes om, op zoek naar eten. Als ik in de tuin werk volgt hij me op de voet, net als het roodborstje: op zoek naar wormen. Dat heeft hij slim van de roodborst afgekeken. Maar nu was het ‘gefundenes Fressen’; de wormen kwamen vanzelf ‘bovendrijven’.
En ik hoefde ook nog niks te spitten, die laatste week van februari. Ik hoefde alleen maar te wachten: op maart in de tuin.

Maart 2017


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen