donderdag 5 mei 2011

COSSUS COSSUS: EEN GEVAARLIJKE VLINDER

Heggenmussen

Zoveel mogelijk vlinders in de tuin, daar doen we allemaal ons best voor. Ze kunnen onze hulp wel een beetje gebruiken en wij die van hun ook: ze bestuiven onze planten en vrolijken ons op. Welk tuinboek je ook openslaat: voor de vlinders niets dan lof! Maar dan blijkt er toch plotseling een soort tussen te zitten die als rups niet genoeg heeft aan een bosje brandnetels of desnoods een paar kolen in de moestuin. Nee, de wilgenhoutrups heeft als waardplant, dat is de plant waar hij zich mee voedt, een complete boom! Met meterslange vraatgangen in stam en takken en grote gaten in de bast verzwakt hij zelfs de grootste bomen. Die overleven dit uiteindelijk niet. En hij beperkt zich niet tot oude wilgen; deze rups lust ook populieren en zelfs bijna alle andere loofboomsoorten. Dus ook mijn krentenboom en mijn Chinese iep.

Onze krentenboom in voorjaarstooi
‘Wilgenhoutrups’ is niet alleen de naam van de rups, maar ook de naam van de vlinder die na de verpopping tevoorschijn komt. De Latijnse naam luidt ‘Cossus cossus’. De wilgenhoutrups is een forse nachtvlinder, met een vleugelspanwijdte van maar liefst tien centimeter, uit de familie van de houtboorders. De vleugels zijn grijsbruin van kleur met fijne donkerbruine streepjes. Het is een algemene soort, die in heel Nederland voorkomt.

Eitjes van de wilgenhoutrups
Deze vlinder vliegt in juni en juli en zet haar eieren met vijftien tot vijftig tegelijk af in schorsspleten of beschadigingen onder in de stam van een boom, meestal tot op een hoogte van anderhalve meter. De jonge rupsjes komen na veertien dagen uit en boren zich in het hout.
De boom gaat bloeden en er is een vochtig spoor te zien langs de stam. In hun eerste levensjaar blijven de rupsjes bij elkaar in de boombast, maar daarna vreten ze zich met hun sterke kaken ieder een eigen weg door het hout. Zo ontstaan nu ook gaten in de bast van de gastheer.

Zaagsel
Deze zijn goed te zien. Niet alleen komt er boorsel (zaagsel) door naar buiten, maar ook uitwerpselen van de rups, met een typische azijnlucht. Het schijnt dat de Oude Romeinen de wilgenhoutrupsen, met hun azijnsmaak, lekker vonden. Nu is het vooral de specht die ze graag eet. Omdat hout niet veel voedingswaarde heeft, ontwikkelt de rups zich traag. Pas na twee tot drie jaar is hij volwassen, met een indrukwekkende lengte van maar liefst tien centimeter. De rug is bruinrood, zijn buik geelbruin en op zijn kop heeft hij zwarte strepen. Met zijn sterke kaken kan hij lelijk in je vinger bijten! Hij is nu klaar om zich te verpoppen in een cocon van samengesponnen houtdeeltjes aan het einde van zijn ‘vraatgang’, soms ook in de grond. In juni werkt de pop zich naar buiten en komt de vlinder uit. Soms kunnen lege pophuiden uit de stam steken. De vlinder heeft geen monddelen en kan dus niet eten. Na de paring en het leggen van de eitjes sterft de wilgenhoutrups, nu dus als vlinder.
Een 'gang' in de stam
Voor de boom heeft dit in de loop van een paar jaar grote gevolgen. Zijn groei wordt vertraagd omdat overal in de stam sapstromen worden onderbroken. Delen sterven af en bij sterke wind kunnen takken of zelfs de hele stam afbreken. Dat kan uiteraard gevaar opleveren, bijvoorbeeld bij bomen langs de openbare weg. Maar ook in particuliere tuinen.
Bovendien gaan rupsen ook aan de wandel: op zoek naar een nieuwe gastheer. Een nieuw slachtoffer eigenlijk. En bestrijden is heel moeilijk, zo niet onmogelijk. In 2001 ontdekten medewerkers van de buitendienst in Buitenpost bij toeval dat de wilgenhoutrups, met zijn hoge eiwitgehalte, niet bestand is tegen heet tot kokend water. Met behulp van een machine van een reinigingsbedrijf spoten ze kokend water in de boorgangen van aangetaste bomen. Met succes. Wel moeten de behandelde bomen, vol gaten, jaarlijks gecontroleerd worden, want de wilgenhoutrups heeft nu eenmaal een voorkeur voor beschadigde bomen. Voor particulieren is er geen andere mogelijkheid dan de aangetaste boom te kappen en af te voeren, liefst vóór half mei in verband met het verpoppen en het eitjes afzetten door de vlinder in juni.

Symptomen
Daar weet ik nu alles van. Half april kwam de buurman achterom. Op zijn afvalbakken, onder een overhangende tak van onze krentenboom, lag zaagsel. Bij een nadere inspectie zagen wij gaten in de stam waar propjes zaagsel uit staken en waar vocht uit liep. Hoger in de boom zaten nog grotere gaten. Van de specht die ik kort daarvoor in onze krentenboom gezien had? Nee, spechten hakken in dood hout en zó ver was deze boom nog niet heen: vol in bloei en met uitlopend blad. Van mijn tuinboeken werd ik niet wijzer; daar wordt maar zeer beknopt ingegaan op ‘ziekten en plagen’ en dit was beslist ernstiger dan een luizenplaag. Ik stuurde e-mails naar verschillende instanties, maar op korte termijn kreeg ik daar geen reactie op. Via Google kwam tenslotte de wilgenhoutrups in beeld, met zijn gaten in de stam tot maximaal anderhalve meter hoogte. In onze boom zaten gaten over de hele lengte van de stam. We besloten de boom nog niet meteen te kappen en meer informatie te zoeken. Want noch wij, noch onze buren wilden de krentenboom kwijt; behalve een groen uitzicht bood hij ons van beide kanten ook veel privacy.

Dit kwam tevoorschijn bij het doorzagen van het iepstammetje: een nog onvolgroeide rups

Maar al snel trof ik identieke gaten aan in mijn Chinese iepje, in een bak onder de krentenboom. Het stammetje was compleet doorboord en daarmee het lot van de krentenboom bezegeld: als we een verdere verspreiding wilden voorkomen, moesten we de boom kappen en afvoeren. Op één plek in de stam troffen we vlak onder de bast rupseneitjes aan. Dit kon niet anders dan het werk van de wilgenhoutrups zijn. Exit onze geliefde krentenboom. Het iepje wilde mijn man nog een kans geven door kokend water door de gang in de stam te spuiten. Maar als er gaten blijven komen, dan zal ook dit boompje moeten worden afgevoerd. (Dit is inmiddels gebeurd.)
Te zijner tijd willen we op zoek naar een nieuw krentenboompje, met een hoge onderstam en voorlopig in een grote bak. Want zónder, dat vinden we maar niks, de buren en wij.


Pas op voor beschadigingen aan bomen bij het grasmaaien en let op gaatjes met zaagsel: het werk van een sluipmoordenaar van onze bomen - de wilgenhoutrups, Cossus cossus.

PS Ook onze lijsterbes bleek aangetast en is gekapt en afgevoerd. We hopen dat we de wilgenhoutrups nu definitief kwijt zijn.

PS Boven in de berk, die wij vijfendertig jaar geleden plantten, waren deze winter een paar takken afgebroken. Bij nadere inspectie, met de verrekijker, ontdekten wij ook hier de typische wilgenhoutrupsgaten. En dat terwijl in de stam geen gaatjes te zien waren. Voor de zekerheid is ook deze boom gekapt. Nu hebben we alleen de vuilboom (Rhamnus frangula) nog over ...


Mei 2011

8 opmerkingen:

  1. Het is een triest verhaal... Nu inderdaad maar hopen dat jullie van dit vervelende rupsje af zijn!

    BeantwoordenVerwijderen
  2. Vervelend dat u last had van deze dieren.
    Ik vind wel dat u rare adviezen geeft in uw artikel.
    Ook staan er de nodige fouten in.

    Ervan uitgaande dat uw artikel zich enigszins wil richten op voorkoming van aantasting door dit dier, geeft u raar advies. Men moet volgens u beschadigde bomen vóór de maand Mei afvoeren omdat de dieren in Juni eieren afzetten. Dat is toch gek? Waarom niet die vlinders eieren laten afzetten en daarna de boom afvoeren? Op uw manier helpt u de vlinder een handje door de boom die gekapt moet worden, te laten kappen vóórdat ze eieren gaan afzetten. Die vlinders gaan dus opzoek naar een andere boom om aan te tasten. Ik vind het gek advies van u.

    Los van de verdere fouten op biologisch wetenschappelijk vlak, snap ik uw titel al helemaal niet. De vlinder eet niet omdat hij geen monddelen bezit, dus bijten is er niet bij. Steken doen ze ook niet. De rups kan bijten maar de schade daarvan is te overzien. Ze dragen geen ziekteverwekkers met zich mee. Het enige wat ik kan ontdekken in uw artikel wat deze dieren mogelijk gevaarlijk maakt is dat aangetaste bomen om kunnen vallen. Zover ik kan nagaan is het aantal slachtoffers door omgevallen bomen die aangetast waren door de wilgenhoutrups dit jaar nul, net als vorig jaar en het jaar daarvoor. Ik durf zelfs te wedden dat er meer mensen zijn overleden aan tuinieren dan aan deze dieren. Dus dit dier 'een gevaarlijke vlinder' noemen is totale onzin.

    Een beetje jammer.

    BeantwoordenVerwijderen
  3. Beste Willem,

    Bedankt voor uw reactie. Het advies om de boom af te voeren vóór half mei heeft alles te maken met het verpoppen van de rups en het afzetten van de eieren in juni: dat kan in elke willekeurige boom in de omgeving gebeuren. Onze tuin is omgeven door een aantal andere tuinen met (oude) bomen. Daarvoor wilden wij het risico zoveel mogelijk beperken en onze eigen bomen waren al niet meer te redden.
    Met 'levensgevaarlijk' wordt niet alleen gedoeld op mensenlevens: planten en dieren leven óók. Het ging mij in mijn artikel om een levensbedreigende situatie voor bomen.
    Inderdaad ben ik niet biologisch wetenschappelijk onderlegd; ik schrijf vanuit interesse en op basis van gezond verstand. Uit uw reactie wordt mij niet duidelijk welke fouten er in het artikel gemaakt zijn op biologisch wetenschappelijk vlak.
    Dat is óók jammer.

    BeantwoordenVerwijderen
  4. Het komt toch niet zo vaak voor, dat de wilgenhoutrups op andere planten dan de wilg leven. De insecten zijn erg kieskeurig. Misschien dat de beperkte keuze van geschikte bomen hiervan de oorzaak is. Overigens, de rups kan wel 7 jaar oud worden.
    U heeft het over het behandelen van de vraat-gangen met kokend water. Dit lijkt mij wel een paardenmiddel. Ook de boom is niet bestand tegen kokend water.
    Mvg. Marcel

    BeantwoordenVerwijderen
  5. Hallo Mimi, ik ben zeer blij met je artikel. Wij vonden zo'n wilgenhoutrups onder onze kastanjeboom en een collega maakte mij attend op jouw artikel. Wij willen graag de kastanjeboom redden, dus gaan wij het proberen met kokend water. Heb je ook al commentaar gekregen van mensen die het uitgeprobeerd hebben en bij wie het gelukt is om zo de boom te reddeen? Als je mij kunt verwijzen naar andere artikelen met dit onderwerp,zou ik het zeer fijn vinden.
    Mvg Tonny

    BeantwoordenVerwijderen
    Reacties
    1. Hallo Tonny,
      Ik zou eerst de kastanjeboom controleren op gaten en propjes 'zaagsel' - zie de foto's bij mijn artikel. Een verrekijker kan hierbij goede diensten bewijzen. Spuiten met kokend water lijkt mij een optie voor terzake deskundigen. Wij hebben alle aangetaste bomen gekapt om aantasting van nog meer bomen in de omgeving te voorkomen. Voor meer informatie: even 'googelen'.
      Ik heb nog geen berichten gekregen over een goede afloop, hoe dan ook. Maar mijn artikel wordt wel heel vaak gelezen en door mensen uit het hele land.
      Het zou mooi zijn als de boom nog te redden is en ik wens je dan ook veel succes!
      Groetjes,
      Mimi

      Verwijderen
  6. Wij bleken ook wilgenrupsen te hebben. Ik kreeg inderdaad ook het advies om kokend water te gebruiken, maar wij hebben het anders gedaan: de stroomreiniger erop gezet, echt IN de gaten. Zojuist twee rupsen "eruit gespoten" en een kopje kleiner gemaakt. Ik ga dit de rest van de week elke dag doen en hoop zo het probleem op te lossen. Kreeg het advies om, als er geen zaagsel meer te zien is, de gaten te dichten met kit, zodat ze niet opnieuw gebruikt worden. Hoop zo onze prachtige oude wilg te redden, want hij biedt 's zomers een heerlijk schaduwplekje en is erg beeldbepalend op ons terrein!

    BeantwoordenVerwijderen
  7. Wij zijn inmiddels gewend aan onze tuin met nog maar twee bomen: de vuilboom (sporkenhout) en een nieuwe krentenboom. Maar liever hadden we onze 'oude' bomen nog gehad. Ik wens jullie succes met deze behandelmethode - en hopelijk niet nog meer aangetaste bomen.

    BeantwoordenVerwijderen