woensdag 8 mei 2019

NIEUWE ARTIKELEN


NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN JULI 2019

Het is weer mei, bijna zomer en de tuin explodeert. 
Misschien wel de mooiste tijd van het jaar, nu alles 
er zo fris en uitbundig bij staat; het  is één grote be-
lofte van wat allemaal  nog komen gaat. Vogels zijn
druk met nestelen en eieren leggen en wij sjouwen 
met tuingereedschap,  planten en zakken potgrond
 voor  de  eenjarigen;  het  buitenleven  neemt weer 
een aanvang. Geniet ervan!


VERKEREN VERKEERDE VERKEERD


In míjn tuin ...

… kan het verkeren. Niets nieuws onder de zon, want we danken deze spreuk, het kan verkeren, aan schrijver en dichter Gerbrand Adriaenszoon Bredero (1585-1618), die er zelfs zijn lijfspreuk van maakte. Bredero schreef zowel treur- als blijspelen, maar ook gedichten en kluchten. ‘De klucht van de molenaar’ werd in 2007 ‘en plein air’ opgevoerd achter de Widde Meuln in Ten Boer. Een klucht is altijd leuk en loopt ook altijd goed af. 

Maar in mijn tuin kan het verkeren zomaar de verkeerde kant opgaan nu zich in het vroege voorjaar wéér meer zaailingen van de sneeuwklokjes hebben aangediend. Terwijl ik daar al meer dan genoeg van had. Eigen schuld, dikke bult: nóg zo’n spreuk. Lieve help, ik schud ze zo uit mijn mouw, die spreuken - dóe er iets mee! 


Want plotseling kwam de lente, veel eerder dan verwacht, met een week lang temperaturen ver boven het gemiddelde. Ik ging direct uit de startblokken. Wieden, snoeien, selecteren en uitgraven, aanharken, opbinden, planten (groenten in het moestuintje!), maar natuurlijk ook uitblazen op het terras met door mijn man aangedragen biertjes.
En dat alles afgewisseld met buurtuinbezoekjes en buurtgesprekjes op de stoep, want op zulke dagen komt iederéén naar buiten: ‘… en ’t lijdt niet lang, of ’t buurverhaal is drok te gang’ (vrij uit A.C.W. Staring’s Het Kameleon). 

Iris reticulata
Ondertussen lieten de sneeuwklokjes hun witte bloemblaadjes vallen; vele groene zaaddoosjes bleven achter. Nog even en ik kan concurreren met de Keukenhof. Ik zou de klokjes eens flink moeten uitdunnen en eigenlijk ook meteen de daad bij het woord voegen. Helaas bleek de vroeg ingezette lente ook hét moment voor andere bolgewassen en zelfs al vaste planten om de kop op te steken. Daartussen gaan graven naar boventallige bolletjes van sneeuwklokjes is natuurlijk ondoenlijk. Het kan dan wel verkeren, maar vroeger, op de lagere school al, heb ik geleerd hoe je werkwoorden dient te vervoegen en dat loopt bij ‘verkeren’ niet goed af: verkeren, verkeerde, verkeerd!
Hoe nu verder? Mijn tuin is nu eenmaal geen Keukenhof, met elk jaar een miljoen bezoekers, dus daar hoef ik geen rekening mee te houden. Om te beginnen ga ik toch maar zoveel mogelijk zaaddoosjes plukken. Ík heb er geen zin in, maar hét heeft natuurlijk wél zin.
Mocht mijn tuin het volgend voorjaar toch nog te veel naar sneeuwklokjeswit verkeren, dan zal ik een heus bloemenstalletje inrichten om daar schattige sneeuwklokjesboeketjes (scrabblewoord!) aan te bieden. Niet verkeerd, uit een volle voorjaarstuin!

Mei 2019 

VROEGER WAS ALLES BETER

Heggenmussen 


April doet wat hij wil (zich nukkig verzetten tegen beter weer), maar nu is het mei en alle vogels leggen een ei. En wij zijn ook weer blij! Geen gemopper meer op de kou en al die nattigheid (‘naddigheid’ zegt Harma, weervrouw van RTV Noord), dáár zijn we voorlopig vanaf. Maar we beseffen niet half hoe we het in ons kikkerland getroffen hebben, met al die afwisseling en vier keer per jaar een ander klimaat. Zo heeft iedereen altijd iets om naar uit te kijken, want smaken verschillen en dat geldt ook voor de beleving van het weer.

Eikenbladsla, kruiden, blauwe bessenstruik,
bieslook en ruimte voor nog méér!
En natuurlijk ook voor wat je op je bord krijgt: ‘lust ik niet’ komt nog altijd voor, maar heb je een tuin, dan kun je in ieder geval verbouwen wat jij en je huisgenoten lekker vinden. En ook nog biologisch en dynamisch! 

Waar nu geoogst wordt, 
kan binnenkort iets ander groeien
Maar hoe en wat? Daar hebben we de boekwinkel voor: je kunt er door de bonen de bos wortelen niet meer zien, zoveel literatuur ligt daar verzameld over het onderwerp ‘moestuin’. In de afgelopen jaren is in ieder geval het aanbod in die sector gigantisch gegroeid, maar ook thuis voor de buis worden we bediend. Al zijn daar wel wat kanttekeningen bij te plaatsen.
Tuinprogramma’s op de Nederlandse televisie zijn eigenlijk niet meer dan één groot reclameblok voor de sector en dan gaat het vooral om de ‘hardware’ tuinproducten. Veel tegelwerk: voor de driezitstuinbank met brede armleggers, de buitenkeuken en niet te vergeten de jacuzzi, zodat je buiten alles kunt doen wat je binnen ook doet. Maar het blijft wel een tuin, hè, dus langs de schutting wordt een halve meter volgegooid met tuingrond, waar vervolgens wat exoten een plek krijgen en waar dan ook nog wat bodembedekkers in gedouwd worden, zegt Rob Verlinden. 


Carol Klein
Monty Don
Nee, dan Gardeners’ World, BBC2! Elke vrijdagavond om 21.30 uur, met een herhaling, ook BBC2, op zondagochtend, 9.35 uur. Zelfs als je het Engels niet voor 100% machtig bent, is het een geweldig tuin-programma, gespeend van welke reclame dan ook. Gewoon informatief, met praktische tips en inspirerende voorbeelden. En niet alleen in de (moes)tuin van presentator Monty Don, maar ook in andere tuinen.

Blijft natuurlijk overeind dat je baas bent in eigen tuin én dat je daar dus ook eetbare planten in kunt zetten, die je jaar in jaar uit blijven bedienen. 


Abraxas grossulariata of wel Harlekijn
En omdat ‘vroeger alles beter was’ heb ik bij antiquariaat Berger & De Vries in Groningen niet geaarzeld toen ik daar het boekje ‘Fruit uit eigen tuin’ (1962) van L.C. Oele en C.L. de Wilde zag liggen. Alleen de omslag al: rode en blauwe bessen, een appel, frambozen en aardbeien én een vlinder. Die zoeken we even op. Het blijkt een Harlekijn te zijn, voor de kenners: Abraxas grossulariata. Wéér iets wijzer geworden.


En nu lezen! In dit boekje gaan de schrijvers grondig te werk en wordt uitvoerig ingegaan op organische meststoffen, maar ook stoffen als kalkammonsalpeter (stikstof), 8 tot 10 kilo per are, superfosfaat (fosfor), 3 tot 4 kilo per are en patentkali (kalium), 7 tot 8 kilo per are (100 m²). Dit klinkt in ieder geval dynamisch. Ook het ‘dierenrijk’ wordt besproken en dan met name de boosdoeners: aaltjes, die ‘met het blote oog niet of nauwelijks zichtbaar zijn’, insecten en spinachtige dieren, waaronder ook maden, en ook vogels. Maar die laatste soort is als boosdoener een twijfelgeval: ‘Als een merel aan Uw rijpe aardbeien zit te pikken, is hij schadelijk, maar als diezelfde vogel slakjes eet, is hij nuttig.’ En het gaat nog verder: ‘En hoort ge hem zijn hoogste lied uitjubelen, dan zoudt ge zo’n vogel toch niet willen missen.’ Gelukkig meldt de schrijver ook dat de meeste vogels ‘middels de Vogelwet 1936’ beschermd zijn. Hoofdstuk IV behandelt het gebruik van bestrijdingsmiddelen met niet alleen een ‘Waarschuwing’ die maar liefst tien ‘regels’ telt, maar ook de raad geeft: ‘Denk hierbij aan kinderen en huisdieren, die (wellicht onverhoeds) in uw tuin kunnen komen.’
Tot slot wordt in dit hoofdstuk een ‘Veiligheidstermijn voor de te gebruiken bestrijdingsmiddelen’ gegeven: maar liefst veertien middelen, waaronder koperoxychloride en parathion! Maar dan hebben we het ergste wel gehad, afgezien dan van ‘Ziekten en beschadigingen’: zwamziekten, stambasisrot, schurft, vruchtrot - je kunt het zo erg niet bedenken of het kwam voor.
Wie zei dat toch: “Vroeger was alles beter”? 

dinsdag 7 mei 2019

TUINKALENDER


TUINKALENDER

Half mei: tijd om de buxus te snoeien, liefst op een bewolkte dag, en aansluitend graag buxusmest toedienen om weer op krachten te komen.

Een goed opgeladen snoerloze heggenschaar werkt het gemakkelijkst, ook bij andere hagen en heggen.

Het gazon moet nu wekelijks gemaaid worden en zal wat mest op prijs stellen. Bij voorkeur op een regenachtige dag.

De inmiddels afgeharde kuipplanten en in potten geplante zomerbollen kunnen ook buiten overnachten, nu er geen nachtvorst meer te duchten is.

Niet alleen onkruid wieden, maar ook uitgebloeide bloemen verwijderen.

Vogels zijn druk met gezinsuitbreiding, maar gun ze ook een moment voor zichzelf in een schoon vogelbad.

Plaats zo’n bad op een standaard in de border: dan besproeien ze daar meteen de planten.

En strooi koffiedik onder nest en bad: dat loopt niet lekker voor poezenbeestjes.

In droge tijden de gieter ter hand nemen, vooral voor potplanten.

Die zien daar ook graag wat vloeibare mest in.

Wind de algen in je vijver om een stokje en plant er waterlelies: een schuilplaats voor de vissen, een zitplaats voor de kikkers.

Neem vooral ook een mooi boek of BLAD ter hand, in een luie stoel op een zonnig terras en geniet!



TUINFOTO'S

TUINFOTO’S  


5 maart 2019
Zachtgetinte Helleborus en lavendel luiden een nieuw seizoen in, zachtjes

11 maart 2019
Het weer slaat om; mijn moestuintje staat blank

12 maart 2019
Het water is alweer gezakt, het buitenleven
gaat  door en de duif poetst zijn veren
28 maart 2019
Nieuw in mijn tuin: ra ra wie is dít?!
Zoeken we nog op.
Tijd op sla te planten.
Afstrooien met koffiedik, want dat glibbert niet
lekker voor slakken.

dinsdag 5 maart 2019

NIEUWE ARTIKELEN




NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN MEI 2019





SCHROBBEN EN BEDEKKEN


Heggenmussen
Ha! er breekt een nieuw tuinseizoen aan en wat zijn we daar aan toe, na een vooral natte winter met heel veel grijze luchten en zelfs muggen buiten op het raam. Maar nu komt de tuin weer tot leven! En de groen uitgeslagen tegels vragen om een schrobbering, wat ook betekent: een standje of een uitbrander, maar dat zal in dit geval niet veel uithalen. Ik kies voor de betekenis ‘beurt’. Heeft binnenshuis de grote schoonmaak afgedaan, in de tuin kunnen we ons nog steeds te buiten gaan aan een grote schrobpartij.
Heel nuttig, want de groene tegels worden er niet stroever op. Met emmers water uit de regenton en schrobben met een harde bezem krijg je ze weer schoon; ook een uitstekende ‘workout’, wat tegenwoordig zo ‘in’ is, voor het stramme lijf. Tot zover de harde kant van het tuinieren.  
Want na die natte winter is het voorjaar opgewekt van start gegaan en heeft het onkruid zijn kans gegrepen, dus daar moeten we iets aan doen: alle open plekjes voorzien van groenblijvende, winterharde bodembedekkers! Een nieuwe lente, een nieuw begin, voor een jaarrond een boeiende, en zelfs in de winter hier en daar bloeiende, groene tuin! 
Er is een keur aan planten die ook in de winter hun beste beentje voorzetten. Voor wat de bloei betreft doen ze het over het algemeen rustig aan, maar afwisseling in blad boeit ook. 
Campanula poscharskyana 
Campanula poscharskyana, een kruipertje, legt een wintergroen tapijt tot 15 cm. hoog, met van juni tot september violetblauwe of witte bloemen. In de zon, maar wat schaduw mag ook. Of Mansoren, Asarum europaeum, ook 15 cm. hoog, met glanzend groen blad en ‘bloemen’ waarvoor je op de knieën moet omdat ze schuil gaan onder die oren. Aanbevolen voor een plek in de schaduw. Ajuga reptans, Kruipend zenegroen, bedekt jaarrond de grond met donkergroen blad en bloeit in het voorjaar goed zichtbaar met tot 30 cm. hoge paarsblauwe bloemaren. 
Dat geldt ook voor de Maagdenpalm, Vinca, die donkere hoeken in de tuin kan bedekken, maar geen bezwaar heeft tegen een plek in de zon. Bloeit in april, 20-35 cm. hoog, en er kan gekozen worden uit roze-, wit-, blauw- of paarsbloeiende varianten; zelfs met alleen deze soort is al veel mogelijk.
Geen snelle bodembedekking, maar wel een interessante afwisseling biedt Liriope muscari met lang grasachtig blad en van augustus tot oktober mooie bloemaartjes in violetblauw, die dan sterk doen denken aan de ‘echte’ Muscari: de blauwe druifjes in het voorjaar. Er is ook een witbloeiende variant: Liriope muscari ‘Monroe White’. Beide geven de voorkeur aan een standplaats in de zon of halfschaduw, zijn wintergroen én winterhard. 
Gebroederlijk naast elkaar: Liriope en Ophiopogon
Veel overeenkomst, maar qua kleur een mooi contrast is er tussen Liriope muscari en Ophiopogon planiscapus ‘Niger’, Slangenbaard, met smal zwart blad en na de bloei zwarte besjes. Na jaren hebben nu ook deze bijzondere planten zich in mijn tuin uitgezaaid.
Nog een wintergroene bodembedekker, Pachysandra terminalis (omdat het zonder toch wat kaal is, zeg ik tot vervelens toe) voelt zich in de schaduw, waar óók onkruid groeit, in zijn element. Zijn bloei, met kleine witte bloemetjes, stelt niet veel voor, maar dat nemen we op de koop toe. 
Bergenia, schoenlappersplant
Voor wie de smaak nu te pakken heeft en bereid is tegels op te offeren voor nog meer tuingenoegens kan ik nog een wat groter formaat bodembedekkers aanbevelen, zoals de Bergenia, Schoenlappersplant, 30-50 cm. hoog. De naam doet al vermoeden dat het hier om een groter formaat blad gaat. Dat klopt en bovendien voelt het ook leerachtig aan. Maar daar houdt de vergelijking met een zool wel op: het blad van Bergenia is frisgroen van kleur, afgebiesd met een randje rood. In het voorjaar verschijnen de bloemstengels met trossen witte of roze bloemetjes. Na de bloei knip je die eruit en dan kleurt het blad de winter.
Een alleskunner in de tuin is de Geranium macrorrhizum (Rotsooievaarsbek, jawel): die onderdrukt zelfs zevenblad, bloeit als een van de eerste geraniums, doet het overal, heeft geurend blad (even wrijven: citroen!), (ook in de winter!), en een frisse kleur groen, die in het najaar verkleurt naar prachtig helderrood. Schijnt zelfs de strijd met het zevenblad te kunnen winnen: een wonderplant. Daar moet u het mee doen: de bodem bedekken! En schrob de tegels!

GOUWE OUWE


In míjn tuin ...

… komt het lieve buitenleven weer op gang. Wat heb ik ernaar uitgekeken in de afgelopen  winter. Bijna geen sneeuw gezien en de sneeuw díe er viel smolt als sneeuw voor de zon, maar dan door de regen. ‘Let the sunshine in’ zou ik zeggen. Gouwe ouwe uit 1967, musical Hair … wat is dát lang geleden, maar ik kan het zó weer meezingen! Nou ja, neuriën dan.
Waarom weet ik dat nog wél, maar lijken de namen van planten die mij zo dierbaar zijn na de winter onder een laag stof te liggen? 


Hortensia: kleurt op de klei naar roze
Ooit beschreef ik een telefoongesprek met mijn moeder waarin zij niet op de naam van haar hortensia kon komen: die plant met die blauwe bloemen. Tja, dat is zestien jaar geleden, maar nu ondervind ik aan den lijve hoe geschiedenis zich herhaalt. Of zou het toch met de winterslaap in de tuin te maken hebben? Hoe dan ook, het kan geen kwaad om weer eens een nieuwe plattegrond te maken, want elk jaar weer bezwijk ik voor nieuwe planten terwijl de oude bekende het loodje leggen.
In een plastic mapje bewaar ik plattegrondjes van jaren geleden, toen we in de achtertuin nog een vijvertje hadden: daar heb ik kleine golfjes in getekend. Je zou er zó in springen. Eromheen kleine cirkeltjes met nummers, van 1 tot en met 106! In drie lijstjes naast het plattegrondje staan in kleine lettertjes de planten vermeld, met bijbehorend nummertje. Bamboe en berenklauw stonden gebroederlijk naast elkaar en kaardenbollen had ik toen ook al. 
Engelwortel!
Ach, nummertje 97: engelwortel! Die wil ik wéér! En een maggiplant, terwijl ik toen helemaal geen soepmens was… Tegen een muur groeide nummer 42: gele kanariekers! ‘Geel’ mocht toen nog; het waren andere tijden. Nu is geel vooral een voorjaarskleur, met narcissen en krokusjes. Aardbeien had ik kennelijk in twee soorten, want achter de tweede staat -wild-. Na ‘berk’, afgevoerd naar houtkachels in de buurt, staat er bes -rood- en bes -zwart-. Die moet ik óók noteren op het verlanglijstje: er gaat niets boven fruit uit eigen tuin. In het vijvertje stond een bosje riet, maar in de hoek bij de vlonder groeide ‘riet - reuze’. Dát was nog eens een plant! Miscanthus giganteus, wel drie meter hoog! Die is mij dus boven het hoofd gegroeid en heeft dat hoe dan ook niet overleefd. Zelfs een berenklauw staat op de lijst; het was duidelijk een tijd van ‘moet kunnen’.
Terug naar nu: lijstje maken van de planten in mijn tuin. 


MAART/APRIL



TUINKALENDER

 De meeste planten zijn nog in rust, maar onkruid is van alle tijden: wieden dus.

 Het lelijk geworden blad van de kerstrozen, Helleborus, mag ook weg. 

 Plant eens een groenblijvende bodembedekker tussen deze ‘rozen’, bijvoorbeeld Sedum spurium of mansoor, Asarum.

 Dan handschoenen aan en de ‘echte’ rozen snoeien.

 Struikrozen snoei je diep terug; vijf (halve) takken zijn genoeg voor een mooie struik.

 Bij klimrozen wordt alleen het dode hout verwijderd. Goed aanbinden.

 Knip oude bloemen uit de (pluim)hortensia’s en hortensia ‘Annabelle’ vlak boven het eerste paar bladknoppen eronder.

 Geen vorst meer overdag: verjong de vlinderstruik, Buddleja, en snoei hem terug tot op 30 cm.

 Verdeel mest tussen de planten. 

 Schrob het vogelbad en ververs het water regelmatig - ze drinken het ook.

 ‘Spring is in the air’: borstel de nestkasten schoon.

 Ruim niet álles op in de borders: nestmateriaal voor de vogels.

 Zijn de slakken al op de been? Ook goed voor vogels, maar funest voor planten.

 Weetje: een slak legt in april wel 400 eitjes die na drie weken uitkomen. Voortplanting van de jonkies volgt na twee maanden.
 Controleer de grasmaaier: het maaiseizoen is in aantocht.

 Veeg/schrob het terras en haal de kussens van de tuinstoelen uit de hoezen, zodat je de eerste zonnestralen comfortabel kunt opvangen.

 En niet meteen naar het tuincentrum hollen: wacht even af wat er allemaal opkomt.

 Bovendien, het kan nog steeds vriezen en dan vallen er dooien - in de nieuwe aanplant.

donderdag 10 januari 2019

NIEUWE ARTIKELEN


NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN MAART 2019



Bladeren vallen af  en bloemen  vergaan
maar de merel in bad blijft altijd bestaan!
Een rottende appel of een rottende peer:
ook in de winter
vraagt de merel niet om meer!





MEDITERRANNEE

In míjn tuin ...


… heeft Koning Winter vrij spel, in de rust tussen herfst en voorjaar. Zowel de beroeps- als de amateurmeteorologen waren er in het late najaar van 2018 nog niet uit welke kant van deze koning we deze winter te zien zouden krijgen. Omdat ik toch graag wilde weten waar ik aan toe was, zocht ik op het alwetende internet en stuitte op maar liefst 17, zéventien, tekenen die veel sneeuw voorspellen. 
'Onze' specht: vaste klant

Er zijn heel leuke bij, zoals die van de spechten die bomen met elkaar delen. Onder het motto: op een kluitje in de boom zitten is warmer dan in je eentje op zo’n kale tak. Ook leuk: de nekharen van koeien zijn bij sneeuwval dikker dan normaal, lees ik. Wie heeft in de afgelopen zomer wat nekharen van koeien uitgetrokken, zodat we dat kunnen nameten? Een ander signaal kan komen van hardnekkige mist in augustus: kan iemand zich dat nog herinneren?
En mocht je onverhoopt in huis een kleine colonne muizen aantreffen, op zoek naar eten, dan mag ook dat beschouwd worden als een signaal om toch vooral ook zelf een noodvoorraadje aan te leggen. Wel op een voor muizen onbereikbare plek natuurlijk. In de ijskast dan maar. 


Wilde Zwijnen, Varkentje, Wildpark Poing
Kleine kudde kleine zwijntjes ...

En mocht je in de afgelopen herfst kleine kuddes zwijnen hebben zien passeren, op zoek naar kauwhout, dan mag ook dat opgevat worden als een aansporing om vooral nog wat extra brandhout in te slaan. Verder zijn in een strenge winter buiten meer eikels te vinden dan voorheen en de ganzen zijn trouwens in de afgelopen herfst vroeger dan normaal vertrokken naar ijsvrije zones. Zíj wel.
Gelukkig is er in dit kersverse nieuwe jaar ook alweer uitzicht op een kersvers nieuw voorjaar. We merken er nog niet zoveel van, maar het lengen van de dagen heeft een aanvang genomen. De tuin neemt het er nog even van; er heerst rust, zonder gespit, gepluk, gegraaf, geknip en gezaag. 

Hoewel: een bosje sneeuwklokjes in een lief klein vaasje is natuurlijk niet te versmaden. De eerste klokjes zijn nu al te zien, maar er zijn ook soortjes die later in bloei komen, tot zelfs pas in april. Hommels en honingbijen zijn er blij mee, met deze typische stinzenplant. En ik zelf natuurlijk ook, met deze eerste tekenen van bloei. De meest voorkomende sneeuwklokjes, de ‘gewone’, behoren trouwens tot de familie van de narcissen. En wij vinden deze stinzenplant dan wel typisch Hollands, ‘bolland’, maar oorspronkelijk komt dit bolgewasje toch echt uit Zuid-Europa: een stukje Mediterranee in mijn Hollandse wintertuin. 


Plantaardige, Flora, Tuin, Natuur
Sneeuwklokjes, ook buiten niet te versmaden ...

GOEDE VOORNEMENS

Heggenmussen 


Wat fijn: een heel nieuw jaar ligt voor ons, met ontelbare mogelijkheden om het nu eens goed aan te pakken, om er echt een goed jaar van te maken! Want moed verloren, al verloren en zo zijn we niet getrouwd. Ik wens iedereen dus het allerbeste in 2019, met de wetenschap dat het mensenwerk blijft en ook 2019 geen perfect jaar zal worden. Maar laten we het vooral proberen!

De tuinsector is voortvarend van start gegaan met een rijtje verkiezingen. Dé tuin van het jaar 2019 zal in ieder geval niet in onze omgeving te zien zijn: van de zes genomineerde ligt die in Zwolle het dichtst in de buurt. En eigenlijk is de titel misleidend, want wij, gewone huis-, tuin- en keukentuiniers, komen niet in aanmerking. Het gaat hier om beroepseer: om professionele bedrijven met tuinmannen en -vrouwen die er verstand van hebben. Daar kunnen wij hobbytuiniers met ons toentje dus niet aan tippen. Gelukkig maar: nu hoeven we ook niet mee te doen met elk jaar weer een nieuwe trend of kostbare plantenverzamelingen of zelfs het planten van volwassen bomen.
Maar mocht je net verhuisd zijn naar een nieuwbouwwoning met een nieuwbouwtuin dan ligt daar een wereld aan mogelijkheden aan je voeten. Het thema van LTO cultuurgroep Laan-, Bos- en Parkbomen voor de boom van dit jaar luidt: ‘Schaduw gevende Bomen’. Dit thema sluit naadloos aan bij de ontwikkelingen in ons klimaat. De afgelopen zomer was de warmste ooit, waarin trouwens ook het droogterecord werd gebroken, met zelfs onbevaarbare rivieren. Dat is een zorgelijke ontwikkeling. En wij Nederlanders zijn niet de enigen die ermee te maken hebben.
Van 3 tot 14 december kwam de wereldtop bijeen op de Klimaatconferentie in het Poolse Katowice om daar de wereldwijde klimaatverandering te bespreken. Er is meer groen nodig voor de verdamping van al het regenwater, maar ook voor verkoeling, nu de aarde meetbaar opwarmt. Tegeltuintjes zijn uit den boze: daar moet iets op bedacht worden om de eigenaren over de streep te trekken. Maar behalve meer groen moet er ook meer aandacht komen voor de watervoorziening van ons groen. Het aanleggen van een ‘wadi’ komt voorbij. Maar wat is dat?
Een wadi is eigenlijk een drooggevallen rivierbedding, waar in natte periodes grote hoeveelheden neerslag hun weg vinden. Ze komen ook voor in woestijnen, waar reizigers de droge beddingen vaak als pad gebruiken. Door een combinatie van neerslag en grondwater kan er soms een onverwacht grote hoeveelheid water door de beddingen stromen, waarbij helaas ook mensen verdrinken. Zover zal het in de tuin niet komen; het gaat hier uitsluitend om een wadi in de functie van waterreservoir en minder belasting voor de riolering. Straten en daken zijn dan niet meer verbonden met het riool: regen wordt via een ‘hemelwaterriolering’ of over maaiveld naar de wadi afgevoerd waar het in de bodem wordt opgenomen of uiteindelijk afgevoerd naar oppervlaktewater: sloten, rivieren of kanalen.
Aan toepassing in bestaande bebouwing hangt uiteraard een prijskaartje: alleen de zon gaat voor niets op en dat is dan in het kader van de verdamping mooi meegenomen.
Een andere mogelijkheid is nog steeds de grindkoffer: een ondergrondse wateropvang van waaruit het regenwater verder in de bodem kan zakken. Eigenlijk een eenvoudig systeem, waarbij een flinke kuil gegraven wordt, die je bekleedt met anti-worteldoek en vult met grind. Afdekken met anti-worteldoek en een laag tuingrond: voor gras of plantjes.

Op een financiële tegemoetkoming hoeven we, zeker in déze kabinetsperiode, niet te rekenen. Misschien op termijn een aanpassing in de onroerendgoedbelasting? Nee, dat kunnen onze gemeenten niet missen. Huur- en nieuwbouwhuizen opleveren met een standaardtuin, ‘all inclusive’ dan? Of in het onderwijs meer aandacht genereren voor een groene leefomgeving? Jong geleerd, oud gedaan is nog steeds van toepassing. Kortom: het bedenken van oplossingen is geen probleem. Het gaat zoals altijd om de uitvoering; neem er nog een regenton bij!

Een opsteker vond ik op maandag 3 december jl. bij de NOS het programma ‘Wat een weer!’ In dit programma, op de dag waarop in Polen de VN-Klimaatconferentie begon, werd teruggekeken op een  jaar waarin meerdere weerrecords sneuvelden. De opwarming van de aarde lijkt onomkeerbaar. Maar behalve onomkeerbare feiten kwamen ook oplossingen voorbij. We moeten ons bezinnen op het verbruik van fossiele brandstoffen, maar ook op het transport van alles waar we over willen beschikken en het verminderen van de vleesconsumptie.
Meenemen in de goede voornemens voor 2019!  



JANUARI/FEBRUARI


TUINKALENDER


 Het afgelopen jaar, 2018, gaat de geschiedenis in met de warmste zomer ooit én het droogterecord.

 Maar ook met de VN Klimaattop in Polen: er is meer ‘groen’ nodig voor verdamping en verkoeling en natuurlijk de opvang van neerslag. Hoe kunnen tegeltuinen vergroend worden?

 En zal het deze winter nog gaan vriezen?

 Zo ja: haal vorstgevoelige planten in pot dan op tijd naar binnen en dek gevoelige buitenplanten af.

 Een zak zand voor gladheidsbestrijding kan altijd nog van pas komen bij verzakte maar onmisbare tegels. 

 Officieel is het niet verplicht om de stoep voor je huis ijsvrij te houden, maar je kunt het ook zien als een gewaardeerde noaberplicht.

 En als je dan toch buiten bent, loont het de moeite om wat onkruid te wieden. Want dat groeit ook in de winter.

 Daarna binnen de catalogi van bollenverkopers en tuincentra napluizen op nieuwe aanwinsten voor de zomer. De ene dahlia is de andere niet!

 Wel nog even wachten met het planten: tot na de laatste nachtvorst.

 Als je in het najaar geen voorjaarsbollen hebt gepoot dan kun je ze, voor na de vorst, bloeiend en wel vinden in de tuincentra.

 In het weekend van 25 tot en met 27 januari is het weer tijd voor de Nationale Tuinvogeltelling. Zie www.tuinvogeltelling.nl en tel een half uurtje mee.

 Bij slecht weer de foto’s van het afgelopen tuinjaar nog eens bekijken - en alvast de namen van je planten repeteren!

TUINFOTO'S

TUINFOTO’S

vrijdag 16 november 2018

NIEUWE ARTIKELEN


NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN JANUARI 2019



       Een barmsijsje  neemt het ervan in de
        'pindakaas voor de vogels pot', die dus
        kennelijk zijn, of  haar, voorkeur geniet
         boven de door mij met zoveel liefde en
      toewijding gebakken 'brood-voor-de-
         vogels-plak' die eronder hangt.

VERSCHOTEN TUIN


In míjn tuin ...

… keek ik al in de zomer uit op herfstig verkleurde bomen en dat is toch wel een bijzonder en nieuw fenomeen. Want bij ‘herfst’ denk je aan koud en nat, vooral ook heel nat. Maar de afgelopen zomer was heet en droog. Kennelijk hebben bladeren maar één mogelijkheid om hun ongenoegen kenbaar te maken: van kleur verschieten en indrogen. Ze zijn nog wel braaf aan hun takken blijven hangen, tót het klokje van de herfst luidde.
Wég met de brandende zon, de koude biertjes, de frisse salades, de bepaald niet suikervrije ijsjes en de lome tegenzin in een gezonde lange wandeling! Lekker in een warme jas de paden op, de lanen in! En sinds het alweer een tijdje normaal geregend heeft kan er op de valreep nog wel wat nieuws geplant worden. Zolang het niet vriest is alles nog mogelijk. Tussen stoep en heg ligt mijn ‘buitentuintje’: een strook die ik fleurig wil houden voor de passanten. Maar toen in de afgelopen zomer de fleur toch wat tegenviel ben ik er rigoureus aan de slag gegaan. Ook met het oog op weliswaar een mooi resultaat, maar zeker ook minder werk. Daar ben ik altijd voor te vinden. Voor een groene basis kon ik her en der in mijn tuin stukjes vetmuur (Sedum kamtschaticum) uitsteken en in de strook langs de stoep een nieuwe bestemming gegeven. De droge zomer bleek voor deze beplanting geen probleem, maar het heeft natuurlijk toch wat tijd nodig om helemaal dicht te groeien.


Oenothera, teunisbloem

De twee buxusstruikjes die er al stonden en die ik te hunner tijd in een leuk model wil knippen (nog even over nadenken) hebben de slag overleefd, net als een paar zaailingetjes van de teunisbloem (Oenothera). Wat heb ik deze plant gemist dit jaar. Zo ’s avonds tegen een uur of tien, als het begint te schemeren, opent de Oenothera zijn gele bloempjes, één voor één. Zachtjes draaien de dichtgevouwen bloemblaadjes open, in afwachting van de nachtvlinders die de bestuiving voor hun rekening nemen. Teunisbloemen geuren naar citroen en daar hoef je niet voor te bukken, want deze plant bloeit op neushoogte. Hopelijk staan ze er de volgende zomer weer, ook precies op de goede plek: vol in de zon.
Maar nu valt de schemering vroeg in, er waait een stevige wind en de van kleur verschoten bladeren in de bomen hebben al lang hun weg naar beneden gevonden. Het is herfst, het jaargetijde van de grote opruiming in mijn verschoten tuin.


donderdag 15 november 2018

RINKELBELLEN!


Heggenmussen

’t Is weer voorbij, die mooie zomer: op twee na de warmste sinds het begin van het vastleggen van meteorologische gegevens.

Nu de buitentemperatuur voor de rest van het jaar definitief beneden de 20℃ gedaald is maakt de tuin zich op voor de winter. En wij helpen een handje. Met een warme jas aan en een blik op het wolkendek (blijft het nog even droog?) brengen we de schoongemaakte tuinmeubelen onderdak of pakken ze in met een hoes en vegen we de laatste afgevallen bladeren op een hoop of tussen de planten. Dat laatste is het beste idee, gezien de voorspelling van sommige weerdeskundigen voor de komende winter: ijs- en ijskoud! Misschien wel de koudste winter in de afgelopen honderd jaar!

Ik kan me nog een winter halverwege de jaren ’50 herinneren waarin ik als peuter dik ingepakt op het ijs stond en we met de slee in mijn geboorteplaats Woerden onder de Parijse brug door konden. Dat was heel bijzonder want daar bevroor het water nooit. De Bilt telde die winter 61 vorstdagen, 11 ijsdagen en 1 zeer koude dag (!). Maar als koudste winter in ons land tot nu toe geldt die van 1963 en dat had niet zozeer met de temperatuur te maken, dat was niet de laagste, maar vooral met de duur van deze winter: bijna drie maanden onafgebroken vorst, waarbij het noordoosten ook nog onafgebroken onder een laag sneeuw lag. Dat hebben we sindsdien niet meer zo meegemaakt.
Maar misschien gaat het er deze winter dus van komen en een gewaarschuwd mens telt voor twee. Volgens Russische wetenschappers zijn we in een nieuwe klimaatcyclus beland: met een minder actieve zon en daardoor wereldwijd een kouder klimaat, ‘…vergelijkbaar met het verschijnsel in de jaren ’50 van de vorige eeuw’. Dús. Aangeraden wordt om alvast dikke winterjassen, mutsen en handschoenen aan te schaffen, zodat we straks niet achter het net vissen en zelf moeten gaan breien. Want in Rusland weten ze op dit gebied van wanten. O ja, wanten zijn warmer dan handschoenen: doe díe maar.

Ondertussen heb ik wel te doen met mijn tuinplantjes, die in de afgelopen zomer al zo op de proef gesteld zijn. Hoe komen ze zo goed mogelijk een strenge winter door? Veel planten regelen het zelf door hun bladeren af te stoten; die zullen nu geen vocht meer verdampen. Ze zijn wat je noemt ‘winterhard’. Maar voor de groenblijvers, de bladhoudende planten, ligt het anders, vooral als er sprake is van een langdurige vorstperiode. Zolang ze geen vocht uit de grond kunnen opnemen om het via de bladeren verdampte vocht aan te vullen dreigt uitdroging. Dan kunnen we hun groei en bloei in het voorjaar wel vergeten. Groenblijvers als rododendrons en struikklimop behoren wat dit betreft ook tot de risicogroep. Pak ze op tijd in met vliesdoek. Daarmee zijn ze niet alleen beschermd tegen vorst, maar ook tegen harde wind, hagel en schadelijke insecten. Dat zijn dus meerdere vliegen in één klap. Per aangebrachte laag, uiteraard vochtdoorlatend, schijnt het een paar graden verschil te maken voor de kou.


Buddleja, vlinderplant
Maar ook dierbare bladverliezende planten, zoals bijvoorbeeld vlinderstruiken, die je niet even naar binnen kunt halen, zijn te redden met vliesdoek. Dat mag er zo nodig best in twee lagen overheen: het is ademend materiaal. Bij een roos op stam moet het oculatiepunt, bovenaan de stam, beschermd worden. Bind er wat stro omheen. Na de kerst kun je daar ook een paar afgeknipte takken van de kerstboom voor gebruiken. Voor alle andere rozen geldt: even de voet van de struik aanaarden. Op tijd doen, want als de grond eenmaal bevroren is, wordt dat moeilijk. Ook na de kerst: drapeer de verlichting uit je kerstboom (als die niet vast aan de kunstboom meegeleverd is!) rond een gevoelige struik in de tuin. Stekker in het buitenstopcontact en de struik is beschermd tegen vorst.


Mijn cloche, voor ienieminiplantjes.
Planten van klein formaat zijn te redden onder een glazen ‘cloche’, of gewoon een augurkenpot. Bewaar er een paar. Potplanten die in principe vorstbestendig zijn en waar je  binnen geen ruimte voor hebt kun je uit de pot halen en in ‘bubbeltjesplastic’ gewikkeld weer terugzetten. Zorg wel voor een goede afwatering en zet ze zo mogelijk bij elkaar in een beschutte hoek van de tuin.
En nu heb ik wel genoeg bellen doen rinkelen; fijne kerstdagen en een groen 2019 gewenst!

Rinkelbelletje!


Mimi Prins
177
BLAD.2018-11