vrijdag 6 juni 2014

FRUIT ABC

Heggenmussen

Het is juni: de zomermaand! Tijd voor een fruit-abc!

Aardbei. Overal zijn de potjes met kant en klare plantjes te koop. In de tuin breiden ze zich met lange uitlopers vanzelf uit.
Blauwe bes. Deze zoete bes houdt van zure grond, dus staat de mijne in een grote pot met turf door de grond. De bessen worden rechtstreeks van de struik geconsumeerd, zó lekker!
Cranberry. Geen gemakkelijke plant en niet overal verkrijgbaar. Het struikje gedijt in zure, natte grond. Op Terschelling en Vlieland tieren ze welig, maar ook in het Fochteloërveen bij Assen komen ze voor, in bescheiden aantallen.
Druif. Met druivenranken boven je hoofd kun je je zomaar in Frankrijk wanen, op je Hollandse terras. Ze zijn lekker en, dát wel, ze hebben pit.


Aardbeien: in een hoge pot hangen ze 'vrij'
Engelwortel. Een prachtige plant! De stengels van de engelwortel kun je konfijten en daar zelfs likeur mee maken.
Framboos. Ze zijn er niet alleen in rood, maar ook in zwart en geel. En allemaal even lekker, de zomerframboos én de herfstframboos.
Gezond fruit: dat zijn ze allemaal!
Hazelaar. Drie jaar na de aanplant kun je de eerste hazelnoten rapen. Goed voor vitamine E en onverzadigde vetzuren. Er is ook een roodbladige variant.
Ingemaakt fruit is óók fruit. Maar ik ben de eerste om toe te geven dat zó van de struik eten het gemakkelijkst is.


Blauwe bes; er zijn meer soorten met verschillende 'rijp'tijden.
Allemaal even lekker en gezond!
Japanse wijnbes. Dat is toch zó lekker: weken kun je ervan plukken, want ze rijpen niet allemaal tegelijk. Fris en fruitig. De lange gestekelde takken laten zich gemakkelijk leiden. Na het seizoen de ‘afgedragen’ takken bij de grond afknippen en nieuwe takken aanbinden.
Kruisbes. Met wat kalk door de grond bereik je mooie resultaten. Bij het plukken oppassen voor de stekels. Er zijn rassen met groene, gele of rode bessen. Goed voor drie kleuren jam op tafel.
Lekker fruit. Daarvoor mag je afgaan op je eigen smaak.
Meloen. Zelf kweken kan in een platte bak of kas. Graaf daar eind februari een gat in de grond en vul dat met paardenmest, waar stro doorheen zit. Het bultje afdekken met de uitgegraven grond. Half april bij een temperatuur van ruim 20° C (boven de verwarming) meloenpitten zaaien. Één keer water geven is voldoende en als de zaailingen groot genoeg zijn, kunnen ze half mei op het mestheuveltje geplant worden: lekker warm. Zodra de bloemen verschijnen raam of deur openzetten, zodat bijen en hommels hun bestuivende werk kunnen doen. Maar een meloen kópen kan natuurlijk ook.


Blauwe druiven; geen Franse oogst,
maar ze hangen wel hier boven je hoofd!
Netmeloen. De naam zegt het al: zie boven
Overvloed. Dat is nooit een probleem: fruit kan direct verwerkt worden tot jam of sap. Invriezen geeft de mogelijkheid om dat later te doen. Met los ingevroren fruit kun je toetjes versieren. Maar de kortste weg is die naar buren, familie en vrienden!
Peren. Daarvoor moet je een boom aanplanten. Als dat geen zelfbestuiver is en er in de buurt ook geen perenboom staat, zul je twee ‘perelaars’ moeten planten. Weinig ruimte en toch peren eten uit eigen tuin? Neem dan een ballerinaboom, ofwel kolomfruitboom. Deze miniboompjes hebben geen takken, maar produceren heel behoorlijk. Zowel ‘Conference’ als ‘Doyenne du Comice’ zijn zelfbestuivend.
Quality time. Dat is alle tijd die je besteedt aan het kweken van fruit.


Rozenbottels; wit- of rozebloeiend, met een heerlijke geur,
in Nederland net zo goed als in Denemarken aan de Vejlefjord!
Rozenbottel. Heerlijk geurende bloemen roze of wit, bottels rood. Hondsroos (Rosa canina) en rimpelroos (Rosa rugosa) leveren bottels voor rozenbotteljam. De bottels hebben een hoog vitamine C gehalte, naast vitamine A, B1 en B2. Laat ook wat aan de struik hangen: in de winter overleven vogels als de koperwiek dankzij jouw rozenbottels.
Slijmappel. Deze appel (Aegle marmelos) behoort tot de wijnruitfamilie (Rutaceae). Het is een tot vijftien meter hoge boom met korte stam, die van nature voorkomt in Zuid-Azië: India, Myanmar, Pakistan, Bangladesh en Indochina. Gezien ons klimaat moeten wij deze slijmappel helaas vergeten.
Tamme kastanje. Deze boom gedijt bij voorkeur in het Middellandse Zeegebied, maar is al door de Romeinen in ons land ingevoerd, voornamelijk in het zuidoosten. Gezien de opwarming van de aarde zouden we hier misschien ook eens zo’n boom kunnen proberen, om kastanjepuree te maken: ‘crème de marron’. Of ‘marrons glacés’, ook niet te versmaden!
Uien. Geglaceerde uien dan?!


Kruisbessen; deze zijn groen en dat heeft ook wel wat.
Vlierbes. Zou iedereen moeten hebben. Bloesem(limonade) helpt bij het afdrijven van zweet en verkoudheid. De bessen zijn rijk aan vitaminen; lekkere jam, maar je kunt er ook wijn mee maken. Of thee trekken van blad en bloesem.
Witte bes. Heeft dezelfde kwaliteiten als de rode bes.
Xylotheek. Een verzameling hout van verschillende boomsoorten. Het zijn kleine kistjes die eruitzien als boeken, met in elk onder andere de beschrijving van de betreffende boomsoort. Deze documentatiemethode wordt vrijwel niet meer gebruikt: we kunnen dus rustig op onze houtjes bijten.
Zwarte bes. Doet u mij nu maar een glaasje cassis!

Juni 2014





Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen