vrijdag 13 januari 2017

DE BEUK ERIN!

Heggenmussen

Ooit was dat een aansporing bij het rammen van de stadspoorten, maar dat doen we tegenwoordig niet meer. Nu wil het op het voetbalveld nog wel eens helpen, want het klinkt toch anders dan “De bal erin!” Maar over welke beuk gaat het hier? Want je hebt beuken en beuken: het ‘beukenhout’ is afkomstig van Fagus sylvatica. Maar een ‘beukenhaag’ is aangeplant met ‘haagbeuk’, Carpinus betulus, en die kunnen we in deze tijd van het jaar, van november tot en met maart, aanplanten.

De haagbeuk stamt, verrassend, uit de berkenfamilie (Betulus) en heeft behalve zijn Latijnse naam nog een aantal namen: helzenteer, hesselteer, steenbeuk, jukbeuk of wielboom. ‘Helzenteer’, ook wel ‘elzenteen’, was in 1925 nog een dialectwoord voor haagbeuk. De naam ‘jukbeuk’ verwijst naar het juk waarmee twee ossen voor een kar werden gespannen: daar is stevig hout voor nodig. Het woord wielboom komt nog steeds, of wéér, voor in onze taal. Maar nu is het een aluminium houder voor vier autobanden: ook handig.
De haagbeuk bereikt uiteindelijk een hoogte van 15 tot 25 m, kan tegen een stootje en is dus ook goed te snoeien. Je ziet hem vaak toegepast in een haag. Hij is goedkoper in de aanschaf dan een beukenhaag en groeit ook nog sneller. Bovendien hoef je een haagbeukenhaag pas te snoeien wanneer de gewenste hoogte bereikt is. Dat kan variëren van 80 cm tot maar liefst 3 meter. Voor een dichtere haag worden de haagbeuken verspringend aangeplant, in een dubbele rij. Ook als je de haagbeuk tot boom laat uitgroeien, kan vormsnoei worden toegepast. 
In de zomer is hij getooid met fraai generfde groene bladeren, ovaal, die uitlopen in een punt. Het blad loopt al vroeg uit: half april. De randen van het blad zijn ‘dubbelgezaagd’: elke insnijding is nóg eens scherp gezaagd. In april en mei verschijnen ook de bloemen, mannelijke zowel als vrouwelijke, want de haagbeuk is eenhuizig. Blad en bloemen worden graag gegeten door meikevers en leveren ook voedsel voor larven van vlinders. Later, in de herfst, komen appelvinken en boomklevers langs voor de zaadjes. De nootjes van de haagbeuk worden opgepeuzeld door bos- en hazelmuizen.


Beukenblad in herfstkleuren
In de herfst kleuren de bladeren naar donkergeel en zullen uiteindelijk de meeste weggeblazen worden; een enkel blaadje blijft achter, tot in het voorjaar. Zo is deze haag in de winter dus wel doorzichtig. Maar afwisseling heeft ook wat. Bovendien is de haagbeuk goed bestand tegen wisselende waterstanden, wat met de verwachte toenemende neerslag een voordeel is. Het blad verteert langzaam, dus dat kun je beter niet op de composthoop gooien. Maar het kan wel goede diensten bewijzen bij het afdekken van vorstgevoelige planten.
De haagbeuk zelf is gebaat bij voldoende voeding met zo nodig wat kalk. Overigens is deze plant een zeer geschikte kandidaat voor onze klei.
Behalve in particuliere tuinen wordt haagbeuk ook aangeplant langs wegen: het openbaar groen. Leveranciers zijn natuurlijk de boomkwekers: ze worden niet uit het bos gehaald. De boomkwekers hebben als beroepsgroep hun eigen Boomkwekersdag, waarop onder andere de Boom van het Jaar 2017 wordt gekozen. Dit jaar was het thema van de verkiezing: Wegbomen. En de winnaar is: de haagbeuk, Carpinus betulus!
Iets nieuws in de tuin? Plant een haagbeuk, of een haagbeukenhaag!

Januari 2017

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen