zaterdag 30 maart 2019

TUINFOTO'S MAART

TUINFOTO’S

5 maart 2019
Helleborus kleurt de tuin,

11 maart 2019
maar het kan verkeren en zo verdrinkt het moestuintje ...

12 maart 2019
De duif kijkt toe, hoog en droog

14 maart 2019
NAP (Nieuw Amsterdams Peil) in mijn tuin ...

28 maart 2019
Ra, ra, wie is dit? 

28 maart 2019
Het waterleed is weer geleden; de slaplantjes doen hun best
tussen het koffiedik (om slakken uit de buurt te houden). 

dinsdag 5 maart 2019

NIEUWE ARTIKELEN




NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN MEI 2019





SCHROBBEN EN BEDEKKEN


Heggenmussen
Ha! er breekt een nieuw tuinseizoen aan en wat zijn we daar aan toe, na een vooral natte winter met heel veel grijze luchten en zelfs muggen buiten op het raam. Maar nu komt de tuin weer tot leven! En de groen uitgeslagen tegels vragen om een schrobbering, wat ook betekent: een standje of een uitbrander, maar dat zal in dit geval niet veel uithalen. Ik kies voor de betekenis ‘beurt’. Heeft binnenshuis de grote schoonmaak afgedaan, in de tuin kunnen we ons nog steeds te buiten gaan aan een grote schrobpartij.
Heel nuttig, want de groene tegels worden er niet stroever op. Met emmers water uit de regenton en schrobben met een harde bezem krijg je ze weer schoon; ook een uitstekende ‘workout’, wat tegenwoordig zo ‘in’ is, voor het stramme lijf. Tot zover de harde kant van het tuinieren.  
Want na die natte winter is het voorjaar opgewekt van start gegaan en heeft het onkruid zijn kans gegrepen, dus daar moeten we iets aan doen: alle open plekjes voorzien van groenblijvende, winterharde bodembedekkers! Een nieuwe lente, een nieuw begin, voor een jaarrond een boeiende, en zelfs in de winter hier en daar bloeiende, groene tuin! 
Er is een keur aan planten die ook in de winter hun beste beentje voorzetten. Voor wat de bloei betreft doen ze het over het algemeen rustig aan, maar afwisseling in blad boeit ook. 
Campanula poscharskyana 
Campanula poscharskyana, een kruipertje, legt een wintergroen tapijt tot 15 cm. hoog, met van juni tot september violetblauwe of witte bloemen. In de zon, maar wat schaduw mag ook. Of Mansoren, Asarum europaeum, ook 15 cm. hoog, met glanzend groen blad en ‘bloemen’ waarvoor je op de knieën moet omdat ze schuil gaan onder die oren. Aanbevolen voor een plek in de schaduw. Ajuga reptans, Kruipend zenegroen, bedekt jaarrond de grond met donkergroen blad en bloeit in het voorjaar goed zichtbaar met tot 30 cm. hoge paarsblauwe bloemaren. 
Dat geldt ook voor de Maagdenpalm, Vinca, die donkere hoeken in de tuin kan bedekken, maar geen bezwaar heeft tegen een plek in de zon. Bloeit in april, 20-35 cm. hoog, en er kan gekozen worden uit roze-, wit-, blauw- of paarsbloeiende varianten; zelfs met alleen deze soort is al veel mogelijk.
Geen snelle bodembedekking, maar wel een interessante afwisseling biedt Liriope muscari met lang grasachtig blad en van augustus tot oktober mooie bloemaartjes in violetblauw, die dan sterk doen denken aan de ‘echte’ Muscari: de blauwe druifjes in het voorjaar. Er is ook een witbloeiende variant: Liriope muscari ‘Monroe White’. Beide geven de voorkeur aan een standplaats in de zon of halfschaduw, zijn wintergroen én winterhard. 
Gebroederlijk naast elkaar: Liriope en Ophiopogon
Veel overeenkomst, maar qua kleur een mooi contrast is er tussen Liriope muscari en Ophiopogon planiscapus ‘Niger’, Slangenbaard, met smal zwart blad en na de bloei zwarte besjes. Na jaren hebben nu ook deze bijzondere planten zich in mijn tuin uitgezaaid.
Nog een wintergroene bodembedekker, Pachysandra terminalis (omdat het zonder toch wat kaal is, zeg ik tot vervelens toe) voelt zich in de schaduw, waar óók onkruid groeit, in zijn element. Zijn bloei, met kleine witte bloemetjes, stelt niet veel voor, maar dat nemen we op de koop toe. 
Bergenia, schoenlappersplant
Voor wie de smaak nu te pakken heeft en bereid is tegels op te offeren voor nog meer tuingenoegens kan ik nog een wat groter formaat bodembedekkers aanbevelen, zoals de Bergenia, Schoenlappersplant, 30-50 cm. hoog. De naam doet al vermoeden dat het hier om een groter formaat blad gaat. Dat klopt en bovendien voelt het ook leerachtig aan. Maar daar houdt de vergelijking met een zool wel op: het blad van Bergenia is frisgroen van kleur, afgebiesd met een randje rood. In het voorjaar verschijnen de bloemstengels met trossen witte of roze bloemetjes. Na de bloei knip je die eruit en dan kleurt het blad de winter.
Een alleskunner in de tuin is de Geranium macrorrhizum (Rotsooievaarsbek, jawel): die onderdrukt zelfs zevenblad, bloeit als een van de eerste geraniums, doet het overal, heeft geurend blad (even wrijven: citroen!), (ook in de winter!), en een frisse kleur groen, die in het najaar verkleurt naar prachtig helderrood. Schijnt zelfs de strijd met het zevenblad te kunnen winnen: een wonderplant. Daar moet u het mee doen: de bodem bedekken! En schrob de tegels!

GOUWE OUWE


In míjn tuin ...

… komt het lieve buitenleven weer op gang. Wat heb ik ernaar uitgekeken in de afgelopen  winter. Bijna geen sneeuw gezien en de sneeuw díe er viel smolt als sneeuw voor de zon, maar dan door de regen. ‘Let the sunshine in’ zou ik zeggen. Gouwe ouwe uit 1967, musical Hair … wat is dát lang geleden, maar ik kan het zó weer meezingen! Nou ja, neuriën dan.
Waarom weet ik dat nog wél, maar lijken de namen van planten die mij zo dierbaar zijn na de winter onder een laag stof te liggen? 


Hortensia: kleurt op de klei naar roze
Ooit beschreef ik een telefoongesprek met mijn moeder waarin zij niet op de naam van haar hortensia kon komen: die plant met die blauwe bloemen. Tja, dat is zestien jaar geleden, maar nu ondervind ik aan den lijve hoe geschiedenis zich herhaalt. Of zou het toch met de winterslaap in de tuin te maken hebben? Hoe dan ook, het kan geen kwaad om weer eens een nieuwe plattegrond te maken, want elk jaar weer bezwijk ik voor nieuwe planten terwijl de oude bekende het loodje leggen.
In een plastic mapje bewaar ik plattegrondjes van jaren geleden, toen we in de achtertuin nog een vijvertje hadden: daar heb ik kleine golfjes in getekend. Je zou er zó in springen. Eromheen kleine cirkeltjes met nummers, van 1 tot en met 106! In drie lijstjes naast het plattegrondje staan in kleine lettertjes de planten vermeld, met bijbehorend nummertje. Bamboe en berenklauw stonden gebroederlijk naast elkaar en kaardenbollen had ik toen ook al. 
Engelwortel!
Ach, nummertje 97: engelwortel! Die wil ik wéér! En een maggiplant, terwijl ik toen helemaal geen soepmens was… Tegen een muur groeide nummer 42: gele kanariekers! ‘Geel’ mocht toen nog; het waren andere tijden. Nu is geel vooral een voorjaarskleur, met narcissen en krokusjes. Aardbeien had ik kennelijk in twee soorten, want achter de tweede staat -wild-. Na ‘berk’, afgevoerd naar houtkachels in de buurt, staat er bes -rood- en bes -zwart-. Die moet ik óók noteren op het verlanglijstje: er gaat niets boven fruit uit eigen tuin. In het vijvertje stond een bosje riet, maar in de hoek bij de vlonder groeide ‘riet - reuze’. Dát was nog eens een plant! Miscanthus giganteus, wel drie meter hoog! Die is mij dus boven het hoofd gegroeid en heeft dat hoe dan ook niet overleefd. Zelfs een berenklauw staat op de lijst; het was duidelijk een tijd van ‘moet kunnen’.
Terug naar nu: lijstje maken van de planten in mijn tuin. 


MAART/APRIL



TUINKALENDER

 De meeste planten zijn nog in rust, maar onkruid is van alle tijden: wieden dus.

 Het lelijk geworden blad van de kerstrozen, Helleborus, mag ook weg. 

 Plant eens een groenblijvende bodembedekker tussen deze ‘rozen’, bijvoorbeeld Sedum spurium of mansoor, Asarum.

 Dan handschoenen aan en de ‘echte’ rozen snoeien.

 Struikrozen snoei je diep terug; vijf (halve) takken zijn genoeg voor een mooie struik.

 Bij klimrozen wordt alleen het dode hout verwijderd. Goed aanbinden.

 Knip oude bloemen uit de (pluim)hortensia’s en hortensia ‘Annabelle’ vlak boven het eerste paar bladknoppen eronder.

 Geen vorst meer overdag: verjong de vlinderstruik, Buddleja, en snoei hem terug tot op 30 cm.

 Verdeel mest tussen de planten. 

 Schrob het vogelbad en ververs het water regelmatig - ze drinken het ook.

 ‘Spring is in the air’: borstel de nestkasten schoon.

 Ruim niet álles op in de borders: nestmateriaal voor de vogels.

 Zijn de slakken al op de been? Ook goed voor vogels, maar funest voor planten.

 Weetje: een slak legt in april wel 400 eitjes die na drie weken uitkomen. Voortplanting van de jonkies volgt na twee maanden.
 Controleer de grasmaaier: het maaiseizoen is in aantocht.

 Veeg/schrob het terras en haal de kussens van de tuinstoelen uit de hoezen, zodat je de eerste zonnestralen comfortabel kunt opvangen.

 En niet meteen naar het tuincentrum hollen: wacht even af wat er allemaal opkomt.

 Bovendien, het kan nog steeds vriezen en dan vallen er dooien - in de nieuwe aanplant.

donderdag 28 februari 2019

TUINFOTO'S FEBRUARI

TUINFOTO’S



1 februari 2019
Maar liefst 8 meeuwen op een rij!
Één is er gevlogen; de rest is nog bezig met de besluitvorming

14 februari 2019
De tuin is een warboel, maar de sneeuwklokjes hebben er
zo te zien geen last van

... en ik eigenlijk ook niet.

27 februari 2019
Bezoek aan het Drents Museum in Assen, 
hier een onverwachte ontmoeting met een 
Leptoglossus occidentalis ofwel 
een bladpootwants(!)

... en even later een lieveheersbeestje!
Dat verwacht je niet, 
😊, in het Drents museum.

donderdag 10 januari 2019

NIEUWE ARTIKELEN


NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN MAART 2019



Bladeren vallen af  en bloemen  vergaan
maar de merel in bad blijft altijd bestaan!
Een rottende appel of een rottende peer:
ook in de winter
vraagt de merel niet om meer!





MEDITERRANNEE

In míjn tuin ...


… heeft Koning Winter vrij spel, in de rust tussen herfst en voorjaar. Zowel de beroeps- als de amateurmeteorologen waren er in het late najaar van 2018 nog niet uit welke kant van deze koning we deze winter te zien zouden krijgen. Omdat ik toch graag wilde weten waar ik aan toe was, zocht ik op het alwetende internet en stuitte op maar liefst 17, zéventien, tekenen die veel sneeuw voorspellen. 
'Onze' specht: vaste klant

Er zijn heel leuke bij, zoals die van de spechten die bomen met elkaar delen. Onder het motto: op een kluitje in de boom zitten is warmer dan in je eentje op zo’n kale tak. Ook leuk: de nekharen van koeien zijn bij sneeuwval dikker dan normaal, lees ik. Wie heeft in de afgelopen zomer wat nekharen van koeien uitgetrokken, zodat we dat kunnen nameten? Een ander signaal kan komen van hardnekkige mist in augustus: kan iemand zich dat nog herinneren?
En mocht je onverhoopt in huis een kleine colonne muizen aantreffen, op zoek naar eten, dan mag ook dat beschouwd worden als een signaal om toch vooral ook zelf een noodvoorraadje aan te leggen. Wel op een voor muizen onbereikbare plek natuurlijk. In de ijskast dan maar. 


Wilde Zwijnen, Varkentje, Wildpark Poing
Kleine kudde kleine zwijntjes ...

En mocht je in de afgelopen herfst kleine kuddes zwijnen hebben zien passeren, op zoek naar kauwhout, dan mag ook dat opgevat worden als een aansporing om vooral nog wat extra brandhout in te slaan. Verder zijn in een strenge winter buiten meer eikels te vinden dan voorheen en de ganzen zijn trouwens in de afgelopen herfst vroeger dan normaal vertrokken naar ijsvrije zones. Zíj wel.
Gelukkig is er in dit kersverse nieuwe jaar ook alweer uitzicht op een kersvers nieuw voorjaar. We merken er nog niet zoveel van, maar het lengen van de dagen heeft een aanvang genomen. De tuin neemt het er nog even van; er heerst rust, zonder gespit, gepluk, gegraaf, geknip en gezaag. 

Hoewel: een bosje sneeuwklokjes in een lief klein vaasje is natuurlijk niet te versmaden. De eerste klokjes zijn nu al te zien, maar er zijn ook soortjes die later in bloei komen, tot zelfs pas in april. Hommels en honingbijen zijn er blij mee, met deze typische stinzenplant. En ik zelf natuurlijk ook, met deze eerste tekenen van bloei. De meest voorkomende sneeuwklokjes, de ‘gewone’, behoren trouwens tot de familie van de narcissen. En wij vinden deze stinzenplant dan wel typisch Hollands, ‘bolland’, maar oorspronkelijk komt dit bolgewasje toch echt uit Zuid-Europa: een stukje Mediterranee in mijn Hollandse wintertuin. 


Plantaardige, Flora, Tuin, Natuur
Sneeuwklokjes, ook buiten niet te versmaden ...

GOEDE VOORNEMENS

Heggenmussen 


Wat fijn: een heel nieuw jaar ligt voor ons, met ontelbare mogelijkheden om het nu eens goed aan te pakken, om er echt een goed jaar van te maken! Want moed verloren, al verloren en zo zijn we niet getrouwd. Ik wens iedereen dus het allerbeste in 2019, met de wetenschap dat het mensenwerk blijft en ook 2019 geen perfect jaar zal worden. Maar laten we het vooral proberen!

De tuinsector is voortvarend van start gegaan met een rijtje verkiezingen. Dé tuin van het jaar 2019 zal in ieder geval niet in onze omgeving te zien zijn: van de zes genomineerde ligt die in Zwolle het dichtst in de buurt. En eigenlijk is de titel misleidend, want wij, gewone huis-, tuin- en keukentuiniers, komen niet in aanmerking. Het gaat hier om beroepseer: om professionele bedrijven met tuinmannen en -vrouwen die er verstand van hebben. Daar kunnen wij hobbytuiniers met ons toentje dus niet aan tippen. Gelukkig maar: nu hoeven we ook niet mee te doen met elk jaar weer een nieuwe trend of kostbare plantenverzamelingen of zelfs het planten van volwassen bomen.

... en alle bomen en boompjes tellen mee,
met of zonder specht ...
Maar mocht je net verhuisd zijn naar een nieuwbouwwoning met een nieuwbouwtuin dan ligt daar een wereld aan mogelijkheden aan je voeten. Het thema van LTO cultuurgroep Laan-, Bos- en Parkbomen voor de boom van dit jaar luidt: ‘Schaduw gevende Bomen’. Dit thema sluit naadloos aan bij de ontwikkelingen in ons klimaat. De afgelopen zomer was de warmste ooit, waarin trouwens ook het droogterecord werd gebroken, met zelfs onbevaarbare rivieren. Dat is een zorgelijke ontwikkeling. En wij Nederlanders zijn niet de enigen die ermee te maken hebben.
Van 3 tot 14 december kwam de wereldtop bijeen op de Klimaatconferentie in het Poolse Katowice om daar de wereldwijde klimaatverandering te bespreken. Er is meer groen nodig voor de verdamping van al het regenwater, maar ook voor verkoeling, nu de aarde meetbaar opwarmt. Tegeltuintjes zijn uit den boze: daar moet iets op bedacht worden om de eigenaren over de streep te trekken. Maar behalve meer groen moet er ook meer aandacht komen voor de watervoorziening van ons groen. Het aanleggen van een ‘wadi’ komt voorbij. Maar wat is dat?
Een wadi is eigenlijk een drooggevallen rivierbedding, waar in natte periodes grote hoeveelheden neerslag hun weg vinden. Ze komen ook voor in woestijnen, waar reizigers de droge beddingen vaak als pad gebruiken. Door een combinatie van neerslag en grondwater kan er soms een onverwacht grote hoeveelheid water door de beddingen stromen, waarbij helaas ook mensen verdrinken. Zover zal het in de tuin niet komen; het gaat hier uitsluitend om een wadi in de functie van waterreservoir en minder belasting voor de riolering. Straten en daken zijn dan niet meer verbonden met het riool: regen wordt via een ‘hemelwaterriolering’ of over maaiveld naar de wadi afgevoerd waar het in de bodem wordt opgenomen of uiteindelijk afgevoerd naar oppervlaktewater: sloten, rivieren of kanalen.
Aan toepassing in bestaande bebouwing hangt uiteraard een prijskaartje: alleen de zon gaat voor niets op en dat is dan in het kader van de verdamping mooi meegenomen.
Een andere mogelijkheid is nog steeds de grindkoffer: een ondergrondse wateropvang van waaruit het regenwater verder in de bodem kan zakken. Eigenlijk een eenvoudig systeem, waarbij een flinke kuil gegraven wordt, die je bekleedt met anti-worteldoek en vult met grind. Afdekken met anti-worteldoek en een laag tuingrond: voor gras of plantjes.

Op een financiële tegemoetkoming hoeven we, zeker in déze kabinetsperiode, niet te rekenen. Misschien op termijn een aanpassing in de onroerendgoedbelasting? Nee, dat kunnen onze gemeenten niet missen. Huur- en nieuwbouwhuizen opleveren met een standaardtuin, ‘all inclusive’ dan? Of in het onderwijs meer aandacht genereren voor een groene leefomgeving? Jong geleerd, oud gedaan is nog steeds van toepassing. Kortom: het bedenken van oplossingen is geen probleem. Het gaat zoals altijd om de uitvoering; neem er nog een regenton bij!

Een opsteker vond ik op maandag 3 december jl. bij de NOS het programma ‘Wat een weer!’ In dit programma, op de dag waarop in Polen de VN-Klimaatconferentie begon, werd teruggekeken op een  jaar waarin meerdere weerrecords sneuvelden. De opwarming van de aarde lijkt onomkeerbaar. Maar behalve onomkeerbare feiten kwamen ook oplossingen voorbij. We moeten ons bezinnen op het verbruik van fossiele brandstoffen, maar ook op het transport van alles waar we over willen beschikken en het verminderen van de vleesconsumptie.
Meenemen in de goede voornemens voor 2019!  



JANUARI/FEBRUARI


TUINKALENDER


 Het afgelopen jaar, 2018, gaat de geschiedenis in met de warmste zomer ooit én het droogterecord.

 Maar ook met de VN Klimaattop in Polen: er is meer ‘groen’ nodig voor verdamping en verkoeling en natuurlijk de opvang van neerslag. Hoe kunnen tegeltuinen vergroend worden?

 En zal het deze winter nog gaan vriezen?

 Zo ja: haal vorstgevoelige planten in pot dan op tijd naar binnen en dek gevoelige buitenplanten af.

 Een zak zand voor gladheidsbestrijding kan altijd nog van pas komen bij verzakte maar onmisbare tegels. 

 Officieel is het niet verplicht om de stoep voor je huis ijsvrij te houden, maar je kunt het ook zien als een gewaardeerde noaberplicht.

 En als je dan toch buiten bent, loont het de moeite om wat onkruid te wieden. Want dat groeit ook in de winter.

 Daarna binnen de catalogi van bollenverkopers en tuincentra napluizen op nieuwe aanwinsten voor de zomer. De ene dahlia is de andere niet!

 Wel nog even wachten met het planten: tot na de laatste nachtvorst.

 Als je in het najaar geen voorjaarsbollen hebt gepoot dan kun je ze, voor na de vorst, bloeiend en wel vinden in de tuincentra.

 In het weekend van 25 tot en met 27 januari is het weer tijd voor de Nationale Tuinvogeltelling. Zie www.tuinvogeltelling.nl en tel een half uurtje mee.

 Bij slecht weer de foto’s van het afgelopen tuinjaar nog eens bekijken - en alvast de namen van je planten repeteren!

TUINFOTO'S

TUINFOTO’S

17 januari 2019
Het heeft gehageld.

23 januari 2019
Het heeft gesneeuwd

Witte mutsjes voor de nablijvers in de tuin





24 januari 2019
... gelukkig hebben we de pinda's nog

en gelukkig is daar de pot met vogelpindakaas
24 januari 2019
... en nog een laatste 'bes' in de meidoorn

... maar die lusten ze niet

31 januari 2019
vijf meeuwen op een rij,

óp naar februari!



dinsdag 1 januari 2019

SNEEUWVLOKJES OF SNEEUWKLOKJES?

Heggenmussen

Benieuwd naar het verloop van deze winter zoek ik op internet naar een winterweersvoorspel- ling en zoals altijd zijn de meningen verdeeld. In Amerika wordt voor Europa de misschien wel warmste  winter  ooit  voorspeld.  Dat  heeft  te  maken  met de temperatuur van het zeewater (warm) in ons (Europees) deel van  de Atlantische Oceaan.  Maar een ‘definitieve winterweer- voorspelling voor 2022’ is koud en droog met in de tweede helft mogelijk langdurig winterweer. De  temperatuur lijkt o gebruikelijke niveau te blijven, maar het kan soms ook kouder zijn. Tja, winter. En daar moeten we het dan maar mee doen; we laten ons verrassen.   

Ondertussen kan het geen kwaad om vorstgevoelige kuipplanten bij de achterdeur te stationeren, voor het geval dát. En is de sneeuwschuiver binnen handbereik? Wordt vorst aangekondigd, laat dan de houten regenton een eind leeglopen en keer gieters ondersteboven, want beter ten halve gekeerd dan ten hele bevroren. En dat is het dan wel zo’n beetje, wat werkzaamheden in de tuin betreft.

Mijn huidige regenton is van kunststof:
niet mooi, wel vorstbestendig.

Naast de voorbereidingen voor de feestdagen in de laatste maand van het jaar is er tussendoor vast ook tijd om de gedachten eens over de tuin te laten gaan. Dat is óók een onderdeel van tuinieren. Gras hoeft niet meer gemaaid te worden, heggen en hagen houden een winterslaap, al het gebladerte dat daarvoor in aanmerking kwam is gevallen en opgeruimd/verzameld, watergeven en sproeien hoeft niet meer en nieuwe planten kun je nu beter op een verlanglijstje zetten dan in de tuin. Enthousiaste tuiniers zouden voor de winter eigenlijk een andere hobby moeten hebben; wat mijzelf betreft liefst iets ‘indoors’, hoewel een lange wandeling door een al dan niet winters landschap natuurlijk ook fijn buiten en leuk is.

Mijn 'voorraad' tuinboeken, in de loop van decennia
verzameld - ik hoef mij nooit te vervelen, ook niet in
de winter...

Tuinprogramma’s op tv zijn opgeschort tot het voorjaar, maar wat te denken van tuinliteratuur? Er is een uitgebreid aanbod op dat gebied. Het leest niet als een roman of een gedichtenbundel, is zéker niet spannend, maar wel heel informatief en je hoeft deze literatuur ook niet in één keer uit te lezen. Mijn boekenkast puilt uit van de tuinboeken, waaronder die van Christopher Lloyd (Flower Garden) via Tuinieren voor de Geest (Sue Stuart-Smith) tot Duurzaam handboek voor de luie tuinier (Loethe Olthuis) en nog een ouwetje van Dr. P. Zonderwijk: De bonte berm (1979) over de rijke flora en fauna langs onze wegen. ‘De bermen langs onze wegen bloeien weer. Door een gewijzigd ‘groenbeleid’ veranderen de saaie groene grasbermen langs onze wegen steeds meer in kleurige, kruidenrijke natuurstroken.’ Dat inzicht is later weer verloren gegaan, maar tegenwoordig is er sprake van een ‘uitgekiend bermbeheer’, waarmee alle belanghebbenden zoals insecten, kleine dieren, vogels en vleermuizen, weer veilig hun leefgebieden kunnen bereiken. Het lijkt een verhaal van vallen en opstaan. En uiteindelijk voortschrijdend inzicht.

Jammer dat J.C. Bloem (1887-1966) dit niet heeft mogen meemaken. Zie zijn gedicht ‘De Dapperstraat’, waar hij overigens ‘domweg gelukkig’ was: ‘Natuur is voor tevredenen of legen. En dan: wat is natuur nog in dit land? Een stukje bos ter grootte van een krant, een heuvel met wat villaatjes ertegen.’ Kortom: je hoeft niet persé naar buiten om van natuur te genieten - maar het is toch aan te bevelen. 

Nóg een winterbloeier: Helleborus foetidus
bloeit tot de lente zich aandient.

Je kunt zelfs nog nieuwe planten aanslepen die nu bloeien, zoals de kerstroos: Helleborus niger, of de sneeuwbal, Viburnum bodnantense, met trosjes roze bloempjes die ook nog geuren. Dat doen de gele bloemen van de winterjasmijn, Jasminum nudiflorum, ook, wel tot eind februari. Nog een geurende winterbloeier is het struikje Sarcococca hookeriana, met zwarte besjes. Je moet er wel een beetje geduld voor opbrengen: het heeft 10 jaar nodig om de uiteindelijke hoogte van 80 centimeter te bereiken. Dat geldt ook voor familielid Sarcococca ruscifolia, met rode besjes, zij het dat die uiteindelijk een hoogte van 1,5 meter bereikt. Sarcococca hookeriana humilis, met een bescheiden hoogte van 30 tot 50 centimeter, is getooid met zoete bloemetjes en in de winter donkerpaarse bessen aan rode takken. En om de verwarring compleet te maken is er ook nog Sarcococca confusa, 1 meter hoog, met rode, later zwarte, besjes. 

Maar nu eerst: sneeuwklokjes planten! 

vrijdag 16 november 2018

NIEUWE ARTIKELEN


NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN JANUARI 2019



       Een barmsijsje  neemt het ervan in de
        'pindakaas voor de vogels pot', die dus
        kennelijk zijn, of  haar, voorkeur geniet
         boven de door mij met zoveel liefde en
      toewijding gebakken 'brood-voor-de-
         vogels-plak' die eronder hangt.

VERSCHOTEN TUIN


In míjn tuin ...

… keek ik al in de zomer uit op herfstig verkleurde bomen en dat is toch wel een bijzonder en nieuw fenomeen. Want bij ‘herfst’ denk je aan koud en nat, vooral ook heel nat. Maar de afgelopen zomer was heet en droog. Kennelijk hebben bladeren maar één mogelijkheid om hun ongenoegen kenbaar te maken: van kleur verschieten en indrogen. Ze zijn nog wel braaf aan hun takken blijven hangen, tót het klokje van de herfst luidde.
Wég met de brandende zon, de koude biertjes, de frisse salades, de bepaald niet suikervrije ijsjes en de lome tegenzin in een gezonde lange wandeling! Lekker in een warme jas de paden op, de lanen in! En sinds het alweer een tijdje normaal geregend heeft kan er op de valreep nog wel wat nieuws geplant worden. Zolang het niet vriest is alles nog mogelijk. Tussen stoep en heg ligt mijn ‘buitentuintje’: een strook die ik fleurig wil houden voor de passanten. Maar toen in de afgelopen zomer de fleur toch wat tegenviel ben ik er rigoureus aan de slag gegaan. Ook met het oog op weliswaar een mooi resultaat, maar zeker ook minder werk. Daar ben ik altijd voor te vinden. Voor een groene basis kon ik her en der in mijn tuin stukjes vetmuur (Sedum kamtschaticum) uitsteken en in de strook langs de stoep een nieuwe bestemming gegeven. De droge zomer bleek voor deze beplanting geen probleem, maar het heeft natuurlijk toch wat tijd nodig om helemaal dicht te groeien.


Oenothera, teunisbloem

De twee buxusstruikjes die er al stonden en die ik te hunner tijd in een leuk model wil knippen (nog even over nadenken) hebben de slag overleefd, net als een paar zaailingetjes van de teunisbloem (Oenothera). Wat heb ik deze plant gemist dit jaar. Zo ’s avonds tegen een uur of tien, als het begint te schemeren, opent de Oenothera zijn gele bloempjes, één voor één. Zachtjes draaien de dichtgevouwen bloemblaadjes open, in afwachting van de nachtvlinders die de bestuiving voor hun rekening nemen. Teunisbloemen geuren naar citroen en daar hoef je niet voor te bukken, want deze plant bloeit op neushoogte. Hopelijk staan ze er de volgende zomer weer, ook precies op de goede plek: vol in de zon.
Maar nu valt de schemering vroeg in, er waait een stevige wind en de van kleur verschoten bladeren in de bomen hebben al lang hun weg naar beneden gevonden. Het is herfst, het jaargetijde van de grote opruiming in mijn verschoten tuin.