woensdag 8 mei 2019

NIEUWE ARTIKELEN


NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN JULI 2019


Het is weer mei, bijna zomer en de tuin explodeert. 
Misschien wel de mooiste tijd van het jaar, nu alles 
er zo fris en uitbundig bij staat; het  is één grote be-
lofte van wat allemaal  nog komen gaat. Vogels zijn
druk met nestelen en eieren leggen en wij sjouwen 
met tuingereedschap,  planten en zakken potgrond
 voor  de  eenjarigen;  het  buitenleven  neemt weer 
een aanvang. Geniet ervan!


VERKEREN VERKEERDE VERKEERD


In míjn tuin ...

… kan het verkeren. Niets nieuws onder de zon, want we danken deze spreuk, het kan verkeren, aan schrijver en dichter Gerbrand Adriaenszoon Bredero (1585-1618), die er zelfs zijn lijfspreuk van maakte. Bredero schreef zowel treur- als blijspelen, maar ook gedichten en kluchten. ‘De klucht van de molenaar’ werd in 2007 ‘en plein air’ opgevoerd achter de Widde Meuln in Ten Boer. Een klucht is altijd leuk en loopt ook altijd goed af. 

Maar in mijn tuin kan het verkeren zomaar de verkeerde kant opgaan nu zich in het vroege voorjaar wéér meer zaailingen van de sneeuwklokjes hebben aangediend. Terwijl ik daar al meer dan genoeg van had. Eigen schuld, dikke bult: nóg zo’n spreuk. Lieve help, ik schud ze zo uit mijn mouw, die spreuken - dóe er iets mee! 


Want plotseling kwam de lente, veel eerder dan verwacht, met een week lang temperaturen ver boven het gemiddelde. Ik ging direct uit de startblokken. Wieden, snoeien, selecteren en uitgraven, aanharken, opbinden, planten (groenten in het moestuintje!), maar natuurlijk ook uitblazen op het terras met door mijn man aangedragen biertjes.
En dat alles afgewisseld met buurtuinbezoekjes en buurtgesprekjes op de stoep, want op zulke dagen komt iederéén naar buiten: ‘… en ’t lijdt niet lang, of ’t buurverhaal is drok te gang’ (vrij uit A.C.W. Staring’s Het Kameleon). 

Iris reticulata
Ondertussen lieten de sneeuwklokjes hun witte bloemblaadjes vallen; vele groene zaaddoosjes bleven achter. Nog even en ik kan concurreren met de Keukenhof. Ik zou de klokjes eens flink moeten uitdunnen en eigenlijk ook meteen de daad bij het woord voegen. Helaas bleek de vroeg ingezette lente ook hét moment voor andere bolgewassen en zelfs al vaste planten om de kop op te steken. Daartussen gaan graven naar boventallige bolletjes van sneeuwklokjes is natuurlijk ondoenlijk. Het kan dan wel verkeren, maar vroeger, op de lagere school al, heb ik geleerd hoe je werkwoorden dient te vervoegen en dat loopt bij ‘verkeren’ niet goed af: verkeren, verkeerde, verkeerd!
Hoe nu verder? Mijn tuin is nu eenmaal geen Keukenhof, met elk jaar een miljoen bezoekers, dus daar hoef ik geen rekening mee te houden. Om te beginnen ga ik toch maar zoveel mogelijk zaaddoosjes plukken. Ík heb er geen zin in, maar hét heeft natuurlijk wél zin.
Mocht mijn tuin het volgend voorjaar toch nog te veel naar sneeuwklokjeswit verkeren, dan zal ik een heus bloemenstalletje inrichten om daar schattige sneeuwklokjesboeketjes (scrabblewoord!) aan te bieden. Niet verkeerd, uit een volle voorjaarstuin!

Mei 2019 

VROEGER WAS ALLES BETER

Heggenmussen 


April doet wat hij wil (zich nukkig verzetten tegen beter weer), maar nu is het mei en alle vogels leggen een ei. En wij zijn ook weer blij! Geen gemopper meer op de kou en al die nattigheid (‘naddigheid’ zegt Harma, weervrouw van RTV Noord), dáár zijn we voorlopig vanaf. Maar we beseffen niet half hoe we het in ons kikkerland getroffen hebben, met al die afwisseling en vier keer per jaar een ander klimaat. Zo heeft iedereen altijd iets om naar uit te kijken, want smaken verschillen en dat geldt ook voor de beleving van het weer.

Eikenbladsla, kruiden, blauwe bessenstruik,
bieslook en ruimte voor nog méér!
En natuurlijk ook voor wat je op je bord krijgt: ‘lust ik niet’ komt nog altijd voor, maar heb je een tuin, dan kun je in ieder geval verbouwen wat jij en je huisgenoten lekker vinden. En ook nog biologisch en dynamisch! 

Waar nu geoogst wordt, 
kan binnenkort iets ander groeien
Maar hoe en wat? Daar hebben we de boekwinkel voor: je kunt er door de bonen de bos wortelen niet meer zien, zoveel literatuur ligt daar verzameld over het onderwerp ‘moestuin’. In de afgelopen jaren is in ieder geval het aanbod in die sector gigantisch gegroeid, maar ook thuis voor de buis worden we bediend. Al zijn daar wel wat kanttekeningen bij te plaatsen.
Tuinprogramma’s op de Nederlandse televisie zijn eigenlijk niet meer dan één groot reclameblok voor de sector en dan gaat het vooral om de ‘hardware’ tuinproducten. Veel tegelwerk: voor de driezitstuinbank met brede armleggers, de buitenkeuken en niet te vergeten de jacuzzi, zodat je buiten alles kunt doen wat je binnen ook doet. Maar het blijft wel een tuin, hè, dus langs de schutting wordt een halve meter volgegooid met tuingrond, waar vervolgens wat exoten een plek krijgen en waar dan ook nog wat bodembedekkers in gedouwd worden, zegt Rob Verlinden. 


Carol Klein
Monty Don
Nee, dan Gardeners’ World, BBC2! Elke vrijdagavond om 21.30 uur, met een herhaling, ook BBC2, op zondagochtend, 9.35 uur. Zelfs als je het Engels niet voor 100% machtig bent, is het een geweldig tuin-programma, gespeend van welke reclame dan ook. Gewoon informatief, met praktische tips en inspirerende voorbeelden. En niet alleen in de (moes)tuin van presentator Monty Don, maar ook in andere tuinen.

Blijft natuurlijk overeind dat je baas bent in eigen tuin én dat je daar dus ook eetbare planten in kunt zetten, die je jaar in jaar uit blijven bedienen. 


Abraxas grossulariata of wel Harlekijn
En omdat ‘vroeger alles beter was’ heb ik bij antiquariaat Berger & De Vries in Groningen niet geaarzeld toen ik daar het boekje ‘Fruit uit eigen tuin’ (1962) van L.C. Oele en C.L. de Wilde zag liggen. Alleen de omslag al: rode en blauwe bessen, een appel, frambozen en aardbeien én een vlinder. Die zoeken we even op. Het blijkt een Harlekijn te zijn, voor de kenners: Abraxas grossulariata. Wéér iets wijzer geworden.


En nu lezen! In dit boekje gaan de schrijvers grondig te werk en wordt uitvoerig ingegaan op organische meststoffen, maar ook stoffen als kalkammonsalpeter (stikstof), 8 tot 10 kilo per are, superfosfaat (fosfor), 3 tot 4 kilo per are en patentkali (kalium), 7 tot 8 kilo per are (100 m²). Dit klinkt in ieder geval dynamisch. Ook het ‘dierenrijk’ wordt besproken en dan met name de boosdoeners: aaltjes, die ‘met het blote oog niet of nauwelijks zichtbaar zijn’, insecten en spinachtige dieren, waaronder ook maden, en ook vogels. Maar die laatste soort is als boosdoener een twijfelgeval: ‘Als een merel aan Uw rijpe aardbeien zit te pikken, is hij schadelijk, maar als diezelfde vogel slakjes eet, is hij nuttig.’ En het gaat nog verder: ‘En hoort ge hem zijn hoogste lied uitjubelen, dan zoudt ge zo’n vogel toch niet willen missen.’ Gelukkig meldt de schrijver ook dat de meeste vogels ‘middels de Vogelwet 1936’ beschermd zijn. Hoofdstuk IV behandelt het gebruik van bestrijdingsmiddelen met niet alleen een ‘Waarschuwing’ die maar liefst tien ‘regels’ telt, maar ook de raad geeft: ‘Denk hierbij aan kinderen en huisdieren, die (wellicht onverhoeds) in uw tuin kunnen komen.’
Tot slot wordt in dit hoofdstuk een ‘Veiligheidstermijn voor de te gebruiken bestrijdingsmiddelen’ gegeven: maar liefst veertien middelen, waaronder koperoxychloride en parathion! Maar dan hebben we het ergste wel gehad, afgezien dan van ‘Ziekten en beschadigingen’: zwamziekten, stambasisrot, schurft, vruchtrot - je kunt het zo erg niet bedenken of het kwam voor.
Wie zei dat toch: “Vroeger was alles beter”? 

dinsdag 7 mei 2019

TUINKALENDER


TUINKALENDER

Half mei: tijd om de buxus te snoeien, liefst op een bewolkte dag, en aansluitend graag buxusmest toedienen om weer op krachten te komen.

Een goed opgeladen snoerloze heggenschaar werkt het gemakkelijkst, ook bij andere hagen en heggen.

Het gazon moet nu wekelijks gemaaid worden en zal wat mest op prijs stellen. Bij voorkeur op een regenachtige dag.

De inmiddels afgeharde kuipplanten en in potten geplante zomerbollen kunnen ook buiten overnachten, nu er geen nachtvorst meer te duchten is.

Niet alleen onkruid wieden, maar ook uitgebloeide bloemen verwijderen.

Vogels zijn druk met gezinsuitbreiding, maar gun ze ook een moment voor zichzelf in een schoon vogelbad.

Plaats zo’n bad op een standaard in de border: dan besproeien ze daar meteen de planten.

En strooi koffiedik onder nest en bad: dat loopt niet lekker voor poezenbeestjes.

► In droge tijden de gieter ter hand nemen, vooral voor potplanten.

Die zien daar ook graag wat vloeibare mest in.

Wind de algen in je vijver om een stokje en plant er waterlelies: een schuilplaats voor de vissen, een zitplaats voor de kikkers.

Neem vooral ook een mooi boek of BLAD ter hand, in een luie stoel op een zonnig terras en geniet!



TUINFOTO'S

TUINFOTO’S  


5 maart 2019
Zachtgetinte Helleborus en lavendel luiden een nieuw seizoen in, zachtjes

11 maart 2019
Het weer slaat om; mijn moestuintje staat blank

12 maart 2019
Het water is alweer gezakt, het buitenleven
gaat  door en de duif poetst zijn veren
28 maart 2019
Nieuw in mijn tuin: ra ra wie is dít?!
Zoeken we nog op.
Tijd op sla te planten.
Afstrooien met koffiedik, want dat glibbert niet
lekker voor slakken.

woensdag 3 april 2019

TUINFOTO'S APRIL


TUINFOTO’S


5 april 2019
De krentenboom komt in bloei


9 april 2019
Helleborus, nieskruid, steelt de show

en de kievitsbloemen, Fritillaria, doen mee,

net als de schoenlappersplanten, Bergenia.

Het groen is als altijd goed vertegenwoordigd,

12 april 2019
maar de drie Acers Pseudoplatanus Brillantissimum
voegen al wat kleur toe

13 april 2019
En dan passeert er toch weer een hagelbui

... het is nog even geen voorjaar

17 april 2019
maar dit donzige vogeltje doet er al wel aan denken

20 april 2019
en anders de nu mooi uitgelopen bladeren van de Acers wel!

28 april 2019
Een beauty, deze geranium,

maar deze smeerwortel, Symphytum, doet er niet voor onder.

De krentenboom belooft een goede oogst
voor onze gevederde vriendjes.

zaterdag 30 maart 2019

TUINFOTO'S MAART

TUINFOTO’S

5 maart 2019
Helleborus kleurt de tuin,

11 maart 2019
maar het kan verkeren en zo verdrinkt het moestuintje ...

12 maart 2019
De duif kijkt toe, hoog en droog

14 maart 2019
NAP (Nieuw Amsterdams Peil) in mijn tuin ...

28 maart 2019
Ra, ra, wie is dit? 

28 maart 2019
Het waterleed is weer geleden; de slaplantjes doen hun best
tussen het koffiedik (om slakken uit de buurt te houden). 

dinsdag 5 maart 2019

NIEUWE ARTIKELEN




NIEUWE ARTIKELEN VERSCHIJNEN 
IN MEI 2019





SCHROBBEN EN BEDEKKEN


Heggenmussen
Ha! er breekt een nieuw tuinseizoen aan en wat zijn we daar aan toe, na een vooral natte winter met heel veel grijze luchten en zelfs muggen buiten op het raam. Maar nu komt de tuin weer tot leven! En de groen uitgeslagen tegels vragen om een schrobbering, wat ook betekent: een standje of een uitbrander, maar dat zal in dit geval niet veel uithalen. Ik kies voor de betekenis ‘beurt’. Heeft binnenshuis de grote schoonmaak afgedaan, in de tuin kunnen we ons nog steeds te buiten gaan aan een grote schrobpartij.
Heel nuttig, want de groene tegels worden er niet stroever op. Met emmers water uit de regenton en schrobben met een harde bezem krijg je ze weer schoon; ook een uitstekende ‘workout’, wat tegenwoordig zo ‘in’ is, voor het stramme lijf. Tot zover de harde kant van het tuinieren.  
Want na die natte winter is het voorjaar opgewekt van start gegaan en heeft het onkruid zijn kans gegrepen, dus daar moeten we iets aan doen: alle open plekjes voorzien van groenblijvende, winterharde bodembedekkers! Een nieuwe lente, een nieuw begin, voor een jaarrond een boeiende, en zelfs in de winter hier en daar bloeiende, groene tuin! 
Er is een keur aan planten die ook in de winter hun beste beentje voorzetten. Voor wat de bloei betreft doen ze het over het algemeen rustig aan, maar afwisseling in blad boeit ook. 
Campanula poscharskyana 
Campanula poscharskyana, een kruipertje, legt een wintergroen tapijt tot 15 cm. hoog, met van juni tot september violetblauwe of witte bloemen. In de zon, maar wat schaduw mag ook. Of Mansoren, Asarum europaeum, ook 15 cm. hoog, met glanzend groen blad en ‘bloemen’ waarvoor je op de knieën moet omdat ze schuil gaan onder die oren. Aanbevolen voor een plek in de schaduw. Ajuga reptans, Kruipend zenegroen, bedekt jaarrond de grond met donkergroen blad en bloeit in het voorjaar goed zichtbaar met tot 30 cm. hoge paarsblauwe bloemaren. 
Dat geldt ook voor de Maagdenpalm, Vinca, die donkere hoeken in de tuin kan bedekken, maar geen bezwaar heeft tegen een plek in de zon. Bloeit in april, 20-35 cm. hoog, en er kan gekozen worden uit roze-, wit-, blauw- of paarsbloeiende varianten; zelfs met alleen deze soort is al veel mogelijk.
Geen snelle bodembedekking, maar wel een interessante afwisseling biedt Liriope muscari met lang grasachtig blad en van augustus tot oktober mooie bloemaartjes in violetblauw, die dan sterk doen denken aan de ‘echte’ Muscari: de blauwe druifjes in het voorjaar. Er is ook een witbloeiende variant: Liriope muscari ‘Monroe White’. Beide geven de voorkeur aan een standplaats in de zon of halfschaduw, zijn wintergroen én winterhard. 
Gebroederlijk naast elkaar: Liriope en Ophiopogon
Veel overeenkomst, maar qua kleur een mooi contrast is er tussen Liriope muscari en Ophiopogon planiscapus ‘Niger’, Slangenbaard, met smal zwart blad en na de bloei zwarte besjes. Na jaren hebben nu ook deze bijzondere planten zich in mijn tuin uitgezaaid.
Nog een wintergroene bodembedekker, Pachysandra terminalis (omdat het zonder toch wat kaal is, zeg ik tot vervelens toe) voelt zich in de schaduw, waar óók onkruid groeit, in zijn element. Zijn bloei, met kleine witte bloemetjes, stelt niet veel voor, maar dat nemen we op de koop toe. 
Bergenia, schoenlappersplant
Voor wie de smaak nu te pakken heeft en bereid is tegels op te offeren voor nog meer tuingenoegens kan ik nog een wat groter formaat bodembedekkers aanbevelen, zoals de Bergenia, Schoenlappersplant, 30-50 cm. hoog. De naam doet al vermoeden dat het hier om een groter formaat blad gaat. Dat klopt en bovendien voelt het ook leerachtig aan. Maar daar houdt de vergelijking met een zool wel op: het blad van Bergenia is frisgroen van kleur, afgebiesd met een randje rood. In het voorjaar verschijnen de bloemstengels met trossen witte of roze bloemetjes. Na de bloei knip je die eruit en dan kleurt het blad de winter.
Een alleskunner in de tuin is de Geranium macrorrhizum (Rotsooievaarsbek, jawel): die onderdrukt zelfs zevenblad, bloeit als een van de eerste geraniums, doet het overal, heeft geurend blad (even wrijven: citroen!), (ook in de winter!), en een frisse kleur groen, die in het najaar verkleurt naar prachtig helderrood. Schijnt zelfs de strijd met het zevenblad te kunnen winnen: een wonderplant. Daar moet u het mee doen: de bodem bedekken! En schrob de tegels!

GOUWE OUWE


In míjn tuin ...

… komt het lieve buitenleven weer op gang. Wat heb ik ernaar uitgekeken in de afgelopen  winter. Bijna geen sneeuw gezien en de sneeuw díe er viel smolt als sneeuw voor de zon, maar dan door de regen. ‘Let the sunshine in’ zou ik zeggen. Gouwe ouwe uit 1967, musical Hair … wat is dát lang geleden, maar ik kan het zó weer meezingen! Nou ja, neuriën dan.
Waarom weet ik dat nog wél, maar lijken de namen van planten die mij zo dierbaar zijn na de winter onder een laag stof te liggen? 


Hortensia: kleurt op de klei naar roze
Ooit beschreef ik een telefoongesprek met mijn moeder waarin zij niet op de naam van haar hortensia kon komen: die plant met die blauwe bloemen. Tja, dat is zestien jaar geleden, maar nu ondervind ik aan den lijve hoe geschiedenis zich herhaalt. Of zou het toch met de winterslaap in de tuin te maken hebben? Hoe dan ook, het kan geen kwaad om weer eens een nieuwe plattegrond te maken, want elk jaar weer bezwijk ik voor nieuwe planten terwijl de oude bekende het loodje leggen.
In een plastic mapje bewaar ik plattegrondjes van jaren geleden, toen we in de achtertuin nog een vijvertje hadden: daar heb ik kleine golfjes in getekend. Je zou er zó in springen. Eromheen kleine cirkeltjes met nummers, van 1 tot en met 106! In drie lijstjes naast het plattegrondje staan in kleine lettertjes de planten vermeld, met bijbehorend nummertje. Bamboe en berenklauw stonden gebroederlijk naast elkaar en kaardenbollen had ik toen ook al. 
Engelwortel!
Ach, nummertje 97: engelwortel! Die wil ik wéér! En een maggiplant, terwijl ik toen helemaal geen soepmens was… Tegen een muur groeide nummer 42: gele kanariekers! ‘Geel’ mocht toen nog; het waren andere tijden. Nu is geel vooral een voorjaarskleur, met narcissen en krokusjes. Aardbeien had ik kennelijk in twee soorten, want achter de tweede staat -wild-. Na ‘berk’, afgevoerd naar houtkachels in de buurt, staat er bes -rood- en bes -zwart-. Die moet ik óók noteren op het verlanglijstje: er gaat niets boven fruit uit eigen tuin. In het vijvertje stond een bosje riet, maar in de hoek bij de vlonder groeide ‘riet - reuze’. Dát was nog eens een plant! Miscanthus giganteus, wel drie meter hoog! Die is mij dus boven het hoofd gegroeid en heeft dat hoe dan ook niet overleefd. Zelfs een berenklauw staat op de lijst; het was duidelijk een tijd van ‘moet kunnen’.
Terug naar nu: lijstje maken van de planten in mijn tuin. 


MAART/APRIL



TUINKALENDER

 De meeste planten zijn nog in rust, maar onkruid is van alle tijden: wieden dus.

 Het lelijk geworden blad van de kerstrozen, Helleborus, mag ook weg. 

 Plant eens een groenblijvende bodembedekker tussen deze ‘rozen’, bijvoorbeeld Sedum spurium of mansoor, Asarum.

 Dan handschoenen aan en de ‘echte’ rozen snoeien.

 Struikrozen snoei je diep terug; vijf (halve) takken zijn genoeg voor een mooie struik.

 Bij klimrozen wordt alleen het dode hout verwijderd. Goed aanbinden.

 Knip oude bloemen uit de (pluim)hortensia’s en hortensia ‘Annabelle’ vlak boven het eerste paar bladknoppen eronder.

 Geen vorst meer overdag: verjong de vlinderstruik, Buddleja, en snoei hem terug tot op 30 cm.

 Verdeel mest tussen de planten. 

 Schrob het vogelbad en ververs het water regelmatig - ze drinken het ook.

 ‘Spring is in the air’: borstel de nestkasten schoon.

 Ruim niet álles op in de borders: nestmateriaal voor de vogels.

 Zijn de slakken al op de been? Ook goed voor vogels, maar funest voor planten.

 Weetje: een slak legt in april wel 400 eitjes die na drie weken uitkomen. Voortplanting van de jonkies volgt na twee maanden.
 Controleer de grasmaaier: het maaiseizoen is in aantocht.

 Veeg/schrob het terras en haal de kussens van de tuinstoelen uit de hoezen, zodat je de eerste zonnestralen comfortabel kunt opvangen.

 En niet meteen naar het tuincentrum hollen: wacht even af wat er allemaal opkomt.

 Bovendien, het kan nog steeds vriezen en dan vallen er dooien - in de nieuwe aanplant.

donderdag 28 februari 2019

TUINFOTO'S FEBRUARI

TUINFOTO’S



1 februari 2019
Maar liefst 8 meeuwen op een rij!
Één is er gevlogen; de rest is nog bezig met de besluitvorming

14 februari 2019
De tuin is een warboel, maar de sneeuwklokjes hebben er
zo te zien geen last van

... en ik eigenlijk ook niet.

27 februari 2019
Bezoek aan het Drents Museum in Assen, 
hier een onverwachte ontmoeting met een 
Leptoglossus occidentalis ofwel 
een bladpootwants(!)

... en even later een lieveheersbeestje!
Dat verwacht je niet, 
😊, in het Drents museum.